Verdere Ontwikkelingen

Bouwen

Het is droge tijd. De velden zijn geoogst en men wacht op de regens. Veel mensen zijn in deze tijd bezig met het herstellen of bouwen van hun huizen. Meestal op de traditionele manier: lemen muren met een strooien dak. Het ziet er fraai uit maar houdt meestal niet zo lang stand. Na een paar jaar moet je weer het dak vervangen of repareren.

Anderen, die het kunnen betalen, maken een zogenaamd semi-durable huis. Dat heeft ook lemen muren maar een golfplaten dak. Dat blijft heel wat langer goed. Zo ook ons gastenhuis. Eind januari zijn de muren ervan opgevuld met leem. Het hele dorp was hiervoor gemobiliseerd. Van te voren was de droge leem los gemaakt en begoten met ruim 4000 liter water. Op de dag zelf werd de vochtige leemmassa eruit geschept en tegen de muren gegooid. De vrouwen bleven steeds weer water aandragen en de mannen gingen door met de modder om te scheppen. Het was een vrolijke drukte van belang. Ondertussen was een kookploeg bezig met het bereiden van een maaltijd voor bijna 100 mensen. Na een lange ochtend hard werken waren alle muren gevuld en gingen we samen eten. Het was feest! Inmiddels zijn de deuren en luiken ook klaar en is men bezig met het leggen van de cementen vloer.

De stenen voor het andere huis lagen al een poos klaar. Die zijn nu opgestapeld in de vorm van een steenoven en gedurende twee dagen en twee nachten gebakken. Nu kunnen ze niet meer door de regen worden aangetast en liggen ze klaar voor de bouw van het toekomstige (durable) huis.

Hoog bezoek

Het werk op ons demonstratieveld staat niet stil. Het veld ligt naast een stroompje en we kunnen met een irrigatiepomp om de drie dagen alle groeiende gewassen besproeien. Het veld trekt de aandacht van mensen tot in de verre omgeving. Onlangs is er een delegatie op het hoogste niveau van de kerk uit Bunia op bezoek geweest voor een kerkelijk bezoek. Zij hebben met veel interesse de werkwijze van de 4 Pijlers bekeken. Ook de lokale kerkleiders zijn op bezoek geweest en zijn enthousiast over de nieuwe landbouwmethoden. We zijn druk bezig met het voorbereiden van het nieuwe seizoen. De eerder gevormde groepen gaan gewoon door en ontvangen een nieuw krediet voor onder andere zaaizaad. Nieuwe groepen worden gevormd en opgeleid en kunnen dan hun eerste krediet ontvangen.

Doop

Deze maand hebben we voor het eerst een doopdienst meegemaakt in Lanza. Zondagochtend om 9 uur stonden we klaar bij de rivier Kibali. Veel moeders van de dopelingen kwamen met een emmer en een bundel kleren om hun kind na de doop mee te kleden en de natte kleren mee terug te nemen. Het bijzondere was dat er niet alleen jongeren werden gedoopt maar ook een paar oudere dames. Een van hen is al flink op leeftijd. Na de doop gingen we allemaal terug naar de kerk waar de dienst nog enkele uren werd voortgezet en afgesloten met het vieren van het avondmaal. Al met al een heel bijzondere dienst.

Na Roelofs naamgenoot “Vantil” (want zo wordt Roelof hier genoemd), is er nu een meisje geboren in Lanza dat mijn naam draagt: Remke Asante. Ik ben natuurlijk die zelfde dag nog op kraambezoek gegaan met een cadeautje voor de kleine Remke. Het is een prachtig baby’tje. Een hele eer dat we nu elk een naamgenoot hebben in Lanza. Vantil is alweer twee maanden oud. Ik bracht hem met zijn moeder en grootmoeder een bezoekje bij hun nieuwe huis.

Een nieuw jaar

Iedereen een Gelukkig Nieuwjaar!  Wij hebben het gevierd met oliebollen die ik op oudjaarsdag had gebakken. Vlak voor het nieuwe jaar wachtte nog een mooie verrassing: het kindje van Kabibi werd geboren op 2e Kerstdag. Zij noemde hem: VanTil Emmanuel. Roelof heeft nu een naamgenoot in Lanza!!

Gasten

Ons gastenhuis is nog niet klaar, toch hebben we onze eerste gasten ontvangen. Twee jongeren van de Duitse zendingsorganisatie DIGUNA, gebaseerd in Aru, kwamen ons vanuit Aru een bezoek brengen. Ze moesten genoegen nemen met een slaapplaats in het gastenhuis (‘gite’) van de kerk, verrijkt met onze muskietennetten. We hebben een gezellig weekend gehad met Dennis en Franziska. Dennis is een fotograaf en heeft prachtige foto’s en filmpjes gemaakt van ons werk. Heel fijn, deze kunnen we weer gebruiken in ons werk. De jongelui hebben zich goed vermaakt.

Samen naar het demonstratieveld, met de kano de rivier oversteken en een bezoek brengen aan de gezondheidspost aan de overkant in het dorp Kakira. Voor het eerst was daar ook een consultatie voor kinderen onder 5 jaar! Verder hebben we gewandeld in de omgeving en een toeristisch bezoekje gebracht aan de rotspartijen bij de rivier. Ze moesten even wennen aan de primitieve omstandigheden waarin wij leven, maar pasten zich goed aan.

Bouw

De bouw van ons gastenhuis gaat ondertussen gewoon door. Nadat het vlechtwerk van bamboe op de muren is bevestigd, zijn ruimtes voor de ramen uitgezaagd. Vervolgens heeft Roelof raamkozijnen en de deurposten gemaakt. Er zijn geen echte timmermannen hier. We hebben het meeste gereedschap daarvoor in Aru aangeschaft en nu leren mensen on the spot om te schaven en timmeren. Roelof timmert zelf de kaders en is begonnen met het maken van de deuren met hulp van een Congolese assistent. Al doende leert men.

Zodra alle kaders erin zitten, kunnen de muren opgevuld worden met leem. En dan resten nog de vloeren, muren en plafonds. Het werktempo is iets opgevoerd. We zijn er zo langzamerhand wel echt aan toe om ons op onze nieuwe plek te installeren. Ik kan niet wachten om te beginnen aan het aanleggen van een tuin eromheen. Het lijkt me ook heerlijk om een badkamer te hebben in je eigen huis en een cementen vloer waar niet alles direct vies en stoffig is 😉! Hopelijk is het eind februari zo ver.

Landbouw

Die tuin zal nog even moeten wachten want inmiddels is het droge tijd. Al drie weken lang is er bijna geen drup regen gevallen. Voor ons demonstratieveld is dat geen probleem, daar loopt een stroompje en hebben we een irrigatiepomp geinstalleerd. Elke drie dagen worden alle groeiende gewassen besproeid. Zo kunnen we gewoon doorgaan met het planten van rijst, mais, bonen. Dat is nodig voor de productie van goed zaaizaad.

Roelof heeft een speciaal mais veredelingsveldje aangelegd, waar het beste maiszaad van de vorige oogst is gezaaid. De zieke planten worden direct verwijderd en mannelijke bloeiwijzen van de vroege planten worden verwijderd om zelfbestuiving, dus inteelt te voorkomen. Het verbeterde zaad kunnen we weer uitdelen aan de 4Pijler groepen. Zo komt er beter maiszaad beschikbaar voor de bevolking.

Ook het werk in  mijn groentetuin gaat gewoon door. Aan de paprika’s en aubergines groeien nog steeds vruchten. Er is nog een rest over van de witte kool. Na onze terugkeer in oktober heb ik tomaten gezaaid, die nu in bloei staan. Ook kool, paprika en andere groenten zijn weer ingezaaid. Heerlijk om midden in de droge tijd verse zelf geteelde groenten te kunnen eten!

Bosbouw

Verder zijn we bezig met het zaaien en planten van bomen. We hebben zaailingen laten zoeken van twee belangrijke bedreigde tropische regenwoud-bomen: Mahonie en een soort Afrikaanse Teak. Beide zijn hier erg geliefd voor meubelmakerij en bouw van huizen en worden dus veel gekapt. Deze planten we nu in aan de rand van het demonstratievelden. Ook hebben we Teak en Eucalyptus gezaaid in zaaibedden die we gaan uitplanten als kapbos. De palen hiervan worden gebruikt voor de constructie van huizen. Dan kunnen de originele bomen worden gespaard. Zo dragen we ons steentje bij aan de bescherming van het regenwoud.

Einde van het jaar

Regen

Het is half december en het regent pijpenstelen! Roelof waagt zich nog naar buiten. Nu komt zijn Nederlandse regenpak goed van pas. Zoveel regen is hier niet normaal voor deze tijd van het jaar. Voor zover je van normaal kunt spreken want ieder jaar is weer anders. Gewoonlijk is de maand december het begin van de droge tijd en valt er nog af en toe een buitje. Maar op dit moment loopt onze regenton van 500 liter over plus alle emmers en bakken die we kunnen vinden. Op zich is al die regen niet erg. Maar de bonen en de rijst die nog op de velden staan dreigen te verrotten. Heel jammer voor al die mensen die nog moeten oogsten.

Wij hebben onze bonenoogst binnen. We zijn heel tevreden met het resultaat. De rijstoogst gaat nog steeds door. Dat komt omdat er verschillende rijstrassen zijn, elk met een andere groeicyclus. De snelle rassen zijn geoogst en de tragere rassen zijn nu zo ongeveer klaar om te oogsten. Op ons eigen veld zijn we daar deze week mee bezig.

Palmolie

Een belangrijke bron van inkomsten voor veel mensen is de oliepalm. Bijna iedereen heeft er wel een paar op zijn erf staan en nog een aantal andere bomen verderop. Voor ons is het een raadsel maar iedereen weet precies welke palmboom van hem of haar is, het is familiebezit. Zodra er een tros palmvruchten rijp is, klimt een handige jongeman in de boom, met een trapje, gemaakt van bamboe. De tros wordt er uitgehakt en de vrouwen gaan aan de slag met het bijeenrapen van de oranje vruchten.

Deze worden verwerkt met de traditionele oliepers, hier noemt men dat ‘Rocó’. Eerst worden de vruchten in een halve oliedrum of een grote pan op het vuur gezet. De verhitte vruchten worden uitgeperst in de handpers. Het resultaat is een troebele oranjekleurige vloeistof, de ruwe palmolie die wordt opgevangen in het opvangreservoir. Hier wordt de vloeistof uitgeschept en nogmaals verhit om de olie te zuiveren. Nu is het klaar voor consumptie.

In deze streek is dit de enige olie die geconsumeerd en op de markten verkocht wordt. Geraffineerde palmolie of andere plantaardige olie is te koop in de stad. Veel te ver en veel te duur. Ook niet nodig, want iedereen vindt palmolie lekker. Het bevat o.a. vitamine A, E en K. De smaak is zeer uitgesproken. Over hoe gezond het is, zijn de meningen verdeeld. Wij eten het alleen in bepaalde traditionele gerechten, zoals in gestampt en gekookt casssaveblad waar de palmolie in wordt meegekookt, pondu, heerlijk!

Huis

Ons droomhuis in Lanza is nog niet klaar, sterker nog, er is nog niet eens met de bouw begonnen. Alleen het fundament ligt klaar, al sinds de maand april. De bakstenen zijn geperst en zullen binnenkort gebakken worden. Hiervoor wachten we ook de droge tijd af. Er zijn al enkele oude mangobomen gekapt (die later weer zullen uitlopen en vrucht dragen) voor het brandhout van de steenoven.

Ondertussen zijn we begonnen met de  bouw van een gastenhuis van gedeeltelijk lokaal materiaal, een zogenaamd ‘semi-durable’. Dat gastenhuis wilden we toch gaan bouwen (voor de gasten die ons project komen bezoeken, collega-zendelingen, bezoekers uit Bunia. En uit Nederland, zoals jullie 😉). Nu hebben we het voorrang gegeven omdat het sneller klaar is dan het stenen huis. Hier hopen we te gaan wonen totdat het stenen huis af is.

Een stukje grond op het terrein van het toekomstige stenen huis is schoongemaakt. Hier hebben we het vloerplan uitgezet en op regelmatige afstanden gaten gegraven op de plaats waar de muren komen. Er zijn palen gezocht, deze worden van onderen ingesmeerd met gebruikte olie (tegen de termieten), in de gaten geplaatst en vastgezet. Nu is het tijd voor het dak. Er wordt een dakstructuur gemaakt van eucalyptusbalken, hier uit de buurt. Deze wordt op de palen gezet. Dat is zwaar werk waarvoor een groepje van 7 mannen is komen opdraven.

De balken worden vastgezet en nu kan de dakbedekking erop: bordeauxrode golfplaten, gekocht in Aru. Aan iedere kant worden dakgoten bevestigd voor onze watervoorziening. De volgende stap is het aanbrengen van een bamboe vlechtwerk aan beide kanten van de palen. Hierdoor ontstaat een holle ruimte die later opgevuld wordt een mengsel van leem en water, oftewel blubber. Dan staan de muren overeind en kunnen de vensters en deuren worden aangebracht. En nog later de vloeren van stenen, afgewerkt met cement, ook de muren worden afgestreken met cement.

Zo ver is het nog niet. We hopen dat de muren zo rond kerst overeind staan. De feestdagen brengen we nog door in ons tijdelijke onderkomen, het gastenhuis van de kerk.

Bedrijvigheid in Lanza

Landbouw

Het is midden in de grote vakantie maar in Lanza en omgeving gonst het van de bedrijvigheid. Je ziet maar zelden iemand de hele dag thuis zitten. Een deel van het gezin is altijd op het veld te vinden. Men is bezig met het inzaaien van de laatste rijst of het wieden erin of planten van andere gewassen zoals cassave. Dat is een hele klus, vaak dagen werk voor een groepje mensen. De pinda’s zijn bijna rijp en erg gewild bij allerlei dieren (muizen, ratten, eekhoorns en apen). Overdag moet men de wacht houden tegen deze rovers. Vaak leven hele gezinnen overdag en soms ook ‘s nachts op hun veld. Er is een huisje om te schuilen tegen zon en regen met een plek om te koken.

Op ons eigen veld is de mais bijna rijp, de rijst groeit flink, er zijn bonen ingezaaid en we zijn nog druk bezig met het voorbereiden van meer terrein voor het zaaien van pinda’s, nieuwe mais en een rijst-ras dat snel groeit. Het regenseizoen is hier heel lang, van april t/m november en er kan dus over een lange periode gezaaid en minstens twee keer geoogst worden.

Tuinbouw

Zelf houd ik me vooral bezig met het kweken groentes: uien, kool, tomaten, paprika’s en aubergines. Het is in de eerste plaats voor onze eigen consumptie. Voor de tomaten is het helaas te nat, de meeste planten lijden aan wortelrot. De paprika’s doen het gelukkig wel goed. Uien heb ik wat grootschaliger aangepakt.  Als de productie goed is kunnen we daar wat van gaan verkopen.

Workshop

De traditionele Chef van het gebied van de Dhongo wil graag het werk van de 4 Pijlers breed bekend maken op zijn grondgebied. Daarvoor heeft hij een workshop georganiseerd voor alle dorpschefs en leidinggevende personen uit de community zoals schoolhoofden, verplegers en voorgangers. Roelof liet een PowerPoint zien met veel uitleg in het Frans en Lingala, dat van tijd tot tijd weer vertaald werd in de lokale taal, het Dhongo-ko. Er waren ook enkele discussievragen om de mensen aan het denken te zetten. De chef en de deelnemers waren erg onder de indruk en na afloop zijn er enkele mensen aangewezen die de 4 Pijler landbouwmethode verder moeten verspreiden in het hele gebied. Uiteraard krijgen deze mensen eerst zelf een training in de 4Pijler methode.

Goudkoorts

De rivier de Kibali, die op een halve kilometer van ons huis stroomt, is rijk aan goud. Dat weten de goudzoekers uit heel Congo inmiddels: van Kisangani en Bunia tot aan Kinshasa toe komen er goud-bedrijfjes naar Lanza. Ze hebben zware pompen waarmee het zand van de bodem wordt opgepompt. Ik sprak met Mabè, een van de goudzoekers, en vroeg hem hoe het werkt. Om de goede plek te zoeken zijn er de zogenaamde “plongeurs”, duikers die elk twee uur achterelkaar met een soort detector de bodem van de rivier afspeuren naar goud. Op die plek gaat de machine dus pompen. Het opgepompte zand wordt gezeefd totdat het goud overblijft. Op één dag kan men op deze manier wel 5 gram goud per team ophalen. Een team bestaat uit ongeveer 6 duikers en 4 machinisten en een kookploeg. Samen ongeveer 15 mensen die een kampement opslaan aan de oever van de rivier. Mensen uit Lanza interesseren zich in het algemeen niet erg voor dit goud. Het zijn vooral de jonge mannen uit de wijde omgeving die, bevangen door goudkoorts, de duik in de rivier wagen. Een team kan hier enkele weken tot maanden zitten. Iedere keer schuiven ze een klein stukje op met de pomp totdat ze het hele stuk afgezocht hebben. Daarna vertrekken ze weer en kan er een poosje later opeens weer een nieuw team komen.

De grote goudondernemingen zitten 150 km verderop aan dezelfde rivier in de stad Durba. Daar worden door Canadezen en Zuid-Afrikanen grote goudmijnen geëxploiteerd onder de naam Kibali. Een  miljoenen business! Dit goud wordt voor het grootste deel met vliegtuigen het land uitgevlogen….