Amanipi

Amanipi

Sinds maart van dit jaar wonen Roelof en ik in Amanipi, een klein dorp in het uiterste noordoosten van Congo. Het ligt dichtbij Oeganda en 40 kilometer van de grens met Soedan en aan de rand van het leefgebied van de bevolkingsgroep Lugbara. Een belangrijke hoofdweg verbindt de grens met grotere steden in Congo, en Amanipi ligt zo’n drie kilometer van die weg.

Maar wat is Amanipi nu precies? Op het eerste gezicht zien we alleen het kerkgebouw van de evangelische en twee eenvoudige bakstenen huizen met golfplaten daken. Later ontdekken we dat Amanipi zich uitstrekt over een savanne van meerdere vierkante kilometers met her en der verspreide huizen. Er is zelfs een echt centrum met een katholieke kerk en school. Het duurt even voordat je de mensen vindt, daarvoor moet je echt eropuit trekken.

Rondwandeling

Ik maak een korte rondwandeling door de omgeving, beginnend bij ons huis. Het is fijn om de buren te zien en ze beter te leren kennen. Er loopt een pad van vijftig meter richting het kerkterrein. Rechtsaf gaat naar de kerk maar ik sla linksaf naar het huis van de voorganger. Hij en zijn bezoeker zitten buiten en begroeten me vriendelijk in het Lugbarati, en ik groet terug. De basisgroeten en smalltalk beheers ik inmiddels. Zijn vrouw en dochter zijn druk in de keuken, de kinderen spelen op het erf. De voorganger lacht me toe. Ondanks de armoedige omstandigheden is hij altijd opgewekt. Dat is geen oppervlakkigheid, maar het zit diepgeworteld in zijn geloof in Jezus.

Even verderop kom ik bij een ander groepje huizen, gebouwd in lokale stijl. Hier wonen Anguezu en Sorry met hun gezin. Ik loop het erf op. Er is altijd wel gezellige drukte daar en meestal veel kleine kinderen. Als ik aankom, worden er direct een paar stoelen klaargezet. Je loopt niet zomaar door. Even zitten, dat is Congolese gastvrijheid. Je voelt je altijd welkom en dat doet goed. Ik ga zitten en Sorry en ik maken een praatje .Na een tijdje vervolg ik mijn wandeling.

Het volgende erf is van Alio en Ayikuru, een gezin met vijf kinderen. Alio is bezig met de reparatie van zijn oude motor. Hij heeft het hele motorblok uit elkaar gehaald en zet met veel geduld het hele ding weer in elkaar. Alio is erg handig. Ik sta er met verwondering naar te kijken. Het gereedschap lijkt minimaal, maar het lijkt hem allemaal gemakkelijk af te gaan Hij helpt ons thuis ook vaak met allerlei klussen.

Ayikuru

Op het erf ligt de cassave te drogen die eerst in het water is geweekt. Na het drogen kan het lang worden bewaard. De mensen hier maken er fufu van, ze zijn er helemaal dol op. Ayikuru is er ook met de twee jongste kinderen: Manzedri en Jeremy. De kinderen zijn behoorlijk verlegen tegenover mij. Ze kruipen het liefst weg achter de rug van hun moeder.  Ayikuru helpt mij drie ochtenden in de week bij het huishouden: de was doen met de hand, het huis schoonmaken en broodbakken. Ik ben blij met Ayikuru. Zonder haar zou ik de hele dagen zelf in huis bezig zijn omdat al het werk hier met de hand gebeurt.

Samen bekijken we het pindaveld dat Ayikuru heeft aangelegd zonder te ploegen. Ze is heel blij met de 4Pijler-methode. Het bespaart haar veel tijd en geld en ze wordt er veel minder moe van.. Terwijl we zitten te praten, halen de buurkinderen oliepalmvruchten uit de boom. “Maken jullie er palmolie van?” (Dat deden ze altijd in Lanza) “Nee hoor, daarvoor zijn dit te weinig vruchten, we eten ze gewoon op, heerlijk!”

Markt

Woensdag is het markt in Orya, een dorpje dat vier kilometer verderop ligt.  Ayikuru en ik gaan er op de fiets naartoe. Onderweg komen we allerlei bekenden tegen en overal maken we even een praatje. We komen langs het centrum van Amanipi. Er zijn motorreparateurs, en er is benzine en sterke drank te koop. ’s Avonds schalt er vaak luide muziek uit grote boxen. De eerste bekenden die we tegenkomen zijn Alio en Anguezu, ze hebben een vergadering in dit centrum. Vervolgens zien we een voorganger van de evangelische kerk. Hij verkoopt benzine.

Uiteindelijk bereiken we de markt. Het is er een drukte van belang met de vrolijkheid en veelkleurigheid die Congo zo kenmerkt. De waren liggen gewoon op de grond uitgestald en de vrouwen zitten er op krukjes naast. Op dit moment zijn de pinda’s pas geoogst. Dus de hele markt ligt er vol mee. Die gaan voor een prikkie weg.

Ik heb alleen wat groente en fruit nodig. Er is veel witte kool. Voor ongeveer 13 cent bemachtig ik een kooltje en voor hetzelfde bedrag een papaja, Dat kost echt helemaal niks! Het is duidelijk, de verdiensten zijn hier minimaal.

Een mundú (blanke) op de markt, dat is een hele bezienswaardigheid! Ik word van alle kanten aangestaard. Veel vrouwen en kinderen zijn erg verlegen en staren me wat argwanend aan. Ik voel me echt een vreemde eend in de bijt. Gelukkig kan ik nu met mijn Lugbarati wat contact maken Een groet in hun eigen taal breekt vaak het ijs. Een paar oudere mannen willen me juist graag even groeten, het liefst in het Frans. Misschien om indruk op mij te maken?

Na wat rondkijken zoeken we onze fietsen weer op. Mijn band krijgt wat extra lucht van een van de fietsenmakers en dan gaan we weer op huis aan. Voor mij is het gemakkelijk op een comfortabele mountainbike. Ik denk aan al die vrouwen die de hele afstand of nog verder te voet moeten afleggen met zware lasten op hun hoofd!

Ik voel me rijk gezegend dat ik hier tussen de mensen mag wonen en werken maar ik besef ook dat er nog een lange weg te gaan is voordat de mensen aan de armoede zullen ontkomen.

Sorry

Het is geen vraag om excuses, maar de naam van een opmerkelijke vrouw in Amanipi.  Wie Sorry zegt, denkt aan evangelisatie, gebedswerk, kinderkoor, zingen en dansen in de kerk.

Sinds kort is ze ook onze buurvrouw. En ze is een vurig verdedigster van de 4 Pijlers in deze streek. Sorry en haar man Anguezu hebben al verschillende akkers bewerkt met de 4 Pijlers methode, ze zijn er vanaf het begin volop voor gegaan. Vorige week was Sorry als enige vrouw aanwezig op een belangrijke 4Pijler seminar. Het hinderde haar niet. Ze is gewend het voortouw te nemen en ver voor de troepen uit te lopen.

Ik ga vandaag met haar mee naar hun rijst akker, ongeveer 2 km lopen vanaf hun huis. Ik vraag Sorry waarom ze begonnen is met de 4Pijlers. Veel mensen in deze streek hebben immers nog wat twijfel, ze kijken de kat uit de boom. Ze wijst mij op de verschraalde akkers die we onderweg tegenkomen. “Kijk, daar kunnen de mensen geen pinda’s of mais meer verbouwen, alleen nog maar cassave. Het groeit zelfs nog op verarmde grond, maar brengt dan weinig meer op”. Cassave is het basisvoedsel hier, de markt ligt er helemaal vol mee, daarom zijn de prijzen erg laag. Het betekent bittere armoede en ondervoeding voor de kinderen.

Sorry: “We leerden hoe je met de 4Pijlers meer kunt produceren en langer op hetzelfde perceel kunt telen. Daarom zijn we direct met deze methode begonnen. En we hebben al een prachtige pinda oogst gehad”. Dat klinkt veelbelovend.

We komen aan op de rijstakker, die ligt in een dal naast een smalle kreek. De eerste rijst is al ingezaaid zonder te ploegen en komt al mooi op. Vandaag gaat Sorry de rest inzaaien. Ze zaait uit de losse hand, dat is hier de gebruikelijke methode, daarna werkt ze de zaden er lichtjes in met een hak, makkelijk licht werk.

Ik vraag Sorry wat haar toekomstvisie is. Allereerst wil ze dat haar vier kinderen worden onderwezen in de Bijbel en opgroeien als discipelen van Jezus. Mensen die zich onderscheiden door hun geloof en gehoorzaamheid. Verder wil ze dat de kinderen een goede opleiding ontvangen. De oudste zoon, Prospère, gaat na de vakantie naar de vijfde klas basisschool. De jongste zoon Moise is twee jaar. Daartussenin zitten nog Daniel en Charité.

Gisteren was het even schrikken: Moise zat bij zijn broer achterop de fiets en kreeg zijn voetje tussen de spaken. Sorry neemt hem mee naar mij. Zijn hele hiel is ontveld. Maar Moise is dapper en geeft geen kik. Ik ontsmet de wond en leg er een verbandje om. Moise is weer helemaal blij!

Sorry heeft veel visie voor evangelisatie. In de vijf jaar dat ze in Amanipi woont, heeft ze aan velen het evangelie verteld en verscheidene jongeren weer tot levend geloof zien komen, waaronder haar eigen man! Verder is ze zangleider voor de gemeente, ze leidt ook het kinderkoor. Dit jaar wordt ze voor het eerst diacones. Dat betekent veel dienende en tegelijk leidinggevende taken. Wanneer er gasten komen, is zij verantwoordelijk hun ontvangst.  Verder is ze actief in het gebedswerk en gaat ze na de vakantie een bijbelleesgroep leiden. Ze is onderwijzeres van beroep en heeft echt een hart voor de jeugd.

Sorry en Anguezu voor hum nieuwe huis met hun vier zoontjes en twee neefjes

We zijn heel blij met onze nieuwe buren, Sorry en Anguezu en hopen nog jaren vruchtbaar met hen te mogen samenwerken!

Amanipi-Nederland en weer terug

Op het laatste nippertje werd mijn paspoort vrijgegeven en opgestuurd naar de grensplaats Aru. Zo kon ik op 9 mei ik hals over kop Amanipi verlaten om naar Nederland te reizen voor de begrafenis van schoonmoeder van Til. De landbouwtraining die ik die week had geleid, was bijna afgerond. Terwijl de deelnemers nog aan hun laatste maaltijd zaten, reed ik al weg richting de grens. In minder dan twee dagen stond ik op Nederlandse bodem op zaterdagochtend 11 mei. Op Schiphol stonden broer en schoonzus Tjalling en Bea al klaar om mij op te halen en zo konden wij nog precies op tijd op de begrafenis zijn in Uithuizermeeden. Wat een wonder!

Het was een dienst van dankbaar terugkijken op een rijk en gezegend leven in geloof en vast vertrouwen in haar Redder en Heer Jezus Christus en de zekerheid dat ze haar Heer zou ontmoeten.

Daarnaast was het ook een ontmoeting met alle zwagers en schoonzussen, neven en nichten en bredere familie en met onze kinderen. Zes kleindochters die naar oma genoemd waren, waaronder onze dochter Margreet, droegen oma in de kist de kerk in en uit. Dat was heel ontroerend. Ook de begrafenis zelf was indrukwekkend zoals we als familie ( vooral de kleinzoons) samen het graf mochten dichten.

In de weken daarop, volgden vele ontmoetingen met de familie, vrienden, onze thuisgemeente en met onze kinderen en kleinkinderen. Ook de jongste kleindochter Saskia uit Engeland mochten we in onze armen sluiten. Het was niet gepland en het voelde daarom als een bonus om zoveel bij de (klein)kinderen te kunnen zijn. We genoten ook van de zomer met al het groen en de vogels en van de rust. Zus en zwager Trees en Linus hadden weer een perfect huis voor ons in orde gemaakt in het bos bij Beekbergen waar we iedereen goed konden ontvangen. En zo vloog de tijd weer om. We kijken dankbaar terug op deze tijd. Een tijd van afscheid nemen, verdriet, maar ook blijdschap om het weerzien van familie, van kinderen en kleinkinderen.

Na vijf weken in Nederland, keken we ernaar uit om weer naar Congo terug te reizen. Het eerste groeiseizoen is bijna klaar en enkele gewassen kunnen al geoogst worden. En ondertussen kunnen we de akkers voorbereiden voor het tweede groeiseizoen van juli tot november. Vanaf dinsdag 11 juni kregen we al ongeduldige sms-jes van onze vrienden waar we toch bleven, 10 juni was immers de terugreis? Ja maar zo snel konden wij niet! Onze reis duurde ruim vier dagen inclusief een rustpauze van anderhalve dag in Kampala.

Vrijdagmiddag 14 juni was het zo ver: we reden ons dorp binnen en daar onder de mangoboom zat iedereen al klaar. Ze hadden een gebedsdienst voorbereid met de voorganger, oudsten en onze naaste medewerkers. Aansluitend was er een maaltijd.  Wat een warm onthaal. Alsof dat nog niet genoeg was, was er de dag erop een officiële herdenkingsdienst georganiseerd voor de hele kerkelijke regio ter nagedachtenis aan moeder van Til. Hier kwamen de voorgangers en kerkelijke medewerkers, vertegenwoordigers van de vrouwen met ons samen. Het werd een dienst van bijna twee uur. Er was gebed, veel zingen, begeleid door koperblazers, Roelof gaf een in memoriam, er was een schriftoverdenking, weer zingen, een collecte en ten slotte weer een gezamenlijke maaltijd. Na afloop van de dienst werd de collecte: een geldbedrag en veel goede gaven in natura zoals cassave, verse maiskolven, pinda’s eieren en drie kippen, in optocht naar ons huis gebracht. Roelof en ik waren diep onder de indruk van zoveel warmte. We voelden ons hier al thuis, maar nu nog veel meer!

Afscheid en nieuwe start

Het varken, de geit en de haan die waren geslacht voor ons afscheidsfeest in Lanza, gingen schoon op. Het was een feest met een zwart randje. Voor mij was het moeilijk om de mensen met wie we vijf jaar hebben opgetrokken achter ons te laten. Maar het feest was een vrolijk gebeuren met samen zingen, korte overdenkingen, toespraakjes en muziek en lekker eten tot slot. Het eten was open voor het hele dorp en de kinderen kwamen ook massaal hun bordje volladen. De dinsdag daarop waren we klaar voor vertrek met onze laatste bagage. Het afscheid van enkele trouwe vrienden was emotioneel. We sloten af met gebed. En in gebed zullen we met elkaar verbonden blijven.

En nu op naar Amanipi met een auto vol spullen, de kippen en de poes. Honderdtwintig kilometer naar het noorden en ruim zes uur later wachtten de mensen in Amanipi ons op. We werden met open armen ontvangen. De voorganger Ferdinand met zijn dochter en twee diakenen verwelkomden ons op het terrein van de kerk. We dankten God voor de veilige reis.

We zijn nu al ruim 6 weken in Amanipi en voelen ons er steeds meer thuis. De opslagplaats die we gebouwd hebben is af, er zitten twee kamers in, het kantoor en een gastenkamer. Hier kunnen we voorlopig goed in wonen. Op 9 maart is het huis officieel ingewijd met gebed door de voorganger, oudsten en diakenen en de mensen die aan het huis gebouwd hebben. De officiële opening bestond uit een gebed en het plakken van het 4Pijlers logo op de deur.

Op dit moment wordt er volop gebouwd aan een keuken en daarna is het woonhuis aan de beurt. Altijd bedrijvigheid in en om huis. Ook komen geregeld groepjes vrouwen of kinderen naar ons kijken. Hoe zien die blanken er nou eigenlijk uit? En wat doen ze daar?? Af en toe verlang ik naar de rust van Lanza en wens ik dat al deze bouwprojecten allemaal af zijn!

Ondertussen werken we hard aan de nieuwe taal, het Lugbarati. Elke dag krijgen we les van voorganger Ferdinand. We merken dat we steeds meer verstaan en zelfs al hele zinnetjes kunnen zeggen. Elke ochtend genieten we van de prachtige zonsopkomst die we vanaf onze veranda kunnen zien, als we tenminste op tijd opstaan.  Wat heerlijk om zo de dag te beginnen!

Half maart zijn de regens begonnen en kan er overal gezaaid worden. Ook wij hebben onze eerste gewassen gezaaid: mais en bonen. Tegelijkertijd doen we ook zoveel mogelijk landbouwtrainingen. We worden uitgenodigd in verschillende dorpen. We geven eerst een presentatie met foto’s en wat theorie en de dag erop is er een praktijktraining. De mensen in deze streek zijn zeer geïnteresseerd omdat ze merken dat hun terreinen niet meer zoveel opleveren als vroeger. We vertrouwen erop dat met het toepassen van de 4Pijlers hun gronden weer meer gaan opleveren.

Verhuis perikelen

Open armen

Nederland lijkt alweer heel ver weg. Na onze terugreis naar Congo zijn we direct naar onze nieuwe woonplaats, Amanipi, gegaan. We waren blij te zien dat de bouw van ons nieuwe huis al mooi was gevorderd. De bouwers hebben de muren opgevuld met leem, het wordt zo een echt huis. We zijn nu ruim een maand verder en de muren en vloeren zijn afgewerkt met cement. Wat een luxe. Vanuit Lanza hebben we al drie keer een rit gemaakt naar Amanipi. Urenlange ritten, met slechte wegen, extreme hitte en veel stof. Iedere keer nemen we een vracht huisraad mee achterop de pick-up.

De mensen in Amanipi wachten ons altijd met open armen op en zijn heel behulpzaam bij alles. We voelen ons gewaardeerd en geliefd. Wat een zegen. We worden ondergedompeld in het Lugbara-ti, de taal die we al sinds november ijverig aan het leren zijn. Maar dat was veel droogzwemmen. Nu horen we in het echt hoe je de woorden uitspreekt met de goede toonhoogte, sverbonden spraak en de specifieke uitdrukkingen van de streek. Vaak vragen we voorganger Ferdinand om ons een les te geven. Hij doet dat graag en spreekt het Lugbara-ti heel duidelijk uit. Gelukkig is hij erg geduldig met ons en wordt hij nooit moe om iets te herhalen.

Schrik

Op onze eerste reis naar Amanipi verloren we plotseling het linker achterwiel van de pick-up. De achterkant van de auto viel met een harde klap op de weg. We schrokken hevig. “Oooh”, riep Roelof, “de as is gebroken!”  Maar nee, het was een wiel dat los was geraakt. We vonden het wiel een heel eind achter de auto terug, met enkele bouten. Als een wonder werden de ontbrekende bouten later nog veel verder weg gevonden door een man op de fiets. Zou er niets ernstig beschadigd zijn? We krikten de auto op en plaatsten het wiel terug. En zowaar, we konden gewoon weer verder rijden met onze zware vracht. Sindsdien controleert Roelof voor iedere reis alle wielbouten. Bij onze tweede reis had de pick-up een probleem met de remmen. Gelukkig kwamen we langs een groot centrum met een autogarage op zijn Congolees.  Alles in de buitenlucht met alle instrumenten en onderdelen verspreid in het zand. Maar na een dag werken kwam het toch weer in orde. We zijn God dankbaar dat we ondanks deze pech veilig op onze bestemming zijn aangekomen.

Klussen en relaties

De afgelopen tien dagen waren we in Amanipi. Het huis is nog niet helemaal af, dus we sliepen in ons tentje. De mensen vonden het maar niks dat wij ‘buiten’ moeten slapen terwijl zijn zelf in een echt huis slapen. Maar we hebben ze verzekerd dat dit voor ons heel normaal is en dat we het zelfs leuk vinden. En de voordelen zijn dat er geen muizen of muskieten binnen kunnen komen!

Er was veel werk te doen. Roelof maakte deuren en luikjes terwijl de metselaars de muren en vloeren afwerkten. Ik heb al twee kamers gesaust. Ook op de akkers naast het huis is er voldoende werk. Een paar medewerkers hebben de braakliggende stukken dichtbij het huis afgemaaid en daarna heb ik de planten- en bomenresten op rijen gelegd. Dat is een warm werkje in de brandende zon! Maar ik heb het er graag voor over. De vier Pijlers zijn van start gegaan in Amanipi!

Veel mensen uit de streek kwamen kijken. Blanke mensen in Amanipi, dat is de attractie van de eeuw. Roelof amuseerde zich prima met de mannen en de jongens, half in Lugbara-ti, half half met gebaren. Ik communiceerde volop met de vrouwen en meisjes. Fijn om zo op spontane wijze veel mensen te leren kennen.

Honderd jaar evangelie

Het weekend maakten we een heel bijzonder evenement mee: het honderdjarig bestaan van het kerkelijke district Adi, waar ook Amanipi onder valt. Dat is een klein uur rijden vanaf Amanipi. In 1924 kwamen de eerste Amerikaanse zendelingen naar Adi om het evangelie van Jezus te brengen. Tijdens vier generaties is de kerk enorm gegroeid en is het geloof nog steeds zuiver en levend. Het was een groot feest in de vorm van een conferentie van 4 dagen. Wij waren er alleen op zondag bij. De feestelijke dienst, met meer dan duizend christenen, werd afgesloten met de viering van het avondmaal. Het is prachtig om op deze manier de eenheid met onze medechristenen in deze streek te ervaren.

Seminars met een gouden randje

Evangelisatie

In september vindt de lang verwachte evangelisatietraining plaats in Lanza onder onze begeleiding.  Evangelisten van twaalf kerken uit Lanza en omgeving komen op zondagavond naar Lanza toe, een groep van ongeveer 50 mensen in totaal. Maandagochtend beginnen we met een dagopening. Het enthousiaste zingen, zoals mensen dat hier kunnen, wordt begeleid op een trompet. Daarna is er gebed en onderwijs.

We doen veel praktische oefeningen en rollenspelen met de deelnemers. Ook werken we met een serie van vijf filmpjes “Wandelen met Jezus” in het Lingala. En ’s avonds vertonen we de filmpjes aan alle mensen die het willen zien, vooral de jongeren van Lanza. Dat is direct een mooie praktijkoefening! De belangstelling is groot en na afloop reageren enkele mensen op de oproep voor gebed. Nu is het een kwestie van nazorg. Wie gaat deze nieuwe discipelen van Jezus begeleiden? Het is de bedoeling dat de evangelisten nu deze mensen verder begeleiden in hun eigen gemeente. Ze krijgen boekjes die daarbij kunnen helpen als leidraad. De evangelisten krijgen bij toerbeurt het videoscherm met de filmpjes om ze in hun eigen gemeente te tonen.

Veel evangelisten zijn al iets ouder en hebben daardoor behoefte aan een leesbril. Gelukkig kan ik in die behoefte voorzien met mijn voorraad leesbrillen van een goedkope winkelketen uit Nederland. In de pauzes komen ze een bril bij mij halen tegen kostprijs. Eerst wel even uittesten op het meest gelezen boek, de Bijbel.

Certificering

Begin oktober hebben we een andere mijlpaal. Deze keer voor de hoofdtrainers van de 4Pijlers. Omdat we, na bijna vijf jaar, binnenkort vertrekken uit Lanza, vinden we deze maand het geschikte moment hiervoor. We houden het certificeringsseminar in Makoro, centraal gelegen dorp aan een belangrijke verkeersweg. Dit is goed bereikbaar voor iedereen want sommigen komen van ver.  Er zijn dertien hoofdtrainers waaronder vier vrouwen, die hun certificaat verdiend hebben. Ze krijgen gelegenheid om te vertellen over hun eigen ervaringen met de 4 Pijlers: Welke voordelen hebben ze er als familie aan, hoeveel gezinnen hebben ze erin kunnen begeleiden, hoe zijn het bos en de savanne erdoor gespaard gebleven? De verhalen zijn erg bemoedigend. We geven ook verdieping aan hun kennis over de 4Pijlers.

En dan is het grote moment aangebroken: het uitreiken van de certificaten. Het is feest, dus kleden we de zaal vrolijk aan met vlaggetjes. Samen met het certificaat krijgen de deelnemers ook een 4Pijlers button opgespeld. Een zichtbaar teken dat ze officieel een 4Pijlers-trainer zijn. Hier noemen ze dat een “insigne”, een belangrijk symbool.

Met gepaste trots neemt iedereen zijn certificaat in ontvangst waarna ze een kort persoonlijk woord uitspreken. Ik ben ook trots, vooral op de vrouwen onder hen. Zij hebben dit gedaan naast hun taak als moeder en huisvrouw. In Congo is dat al een veeleisende voltijdsbaan. We bemoedigen deze hoofdtrainers om vooral door te gaan met dit werk voor de 4Pijlers, net zo lang totdat iedereen in hun omgeving de nieuwe landbouwmethode overneemt. Zo wordt de grond geconserveerd, het gezinsinkomen verhoogd, de landbouw gestabiliseerd en de natuur gespaard. Tot slot gaan we op de groepsfoto en is er nog een maaltijd voor allemaal. Dankbaar reizen we terug naar Lanza.

Terug in Lanza

Voor ons in Lanza is nu de laatste maand aangebroken. We zijn ondertussen al bezig met het voorbereiden van onze nieuwe woning. In de timmerwerkplaats naast ons huis worden alvast de deuren gemaakt. Het zal niet gemakkelijk worden om Lanza achter ons te laten. Zo lang we hier zijn, genieten we nog van de rust en de rijke natuur in deze omgeving!

Zomergasten

Lanza is dit jaar een populaire vakantiebestemming. In de maanden juni, juli en augustus ontvangen we maar liefst twee gasten uit Nederland.

Jelte

Gast één is Jelte, onze zoon. Jelte heeft in Congo, destijds Zaïre, gewoond vanaf baby van 6 maanden tot aan zijn 9e jaar. We verheugen ons erg op dit bezoek. Zo kan hij iets zich iets meer voorstellen bij ons leven in Lanza en voor hem is het bovendien het opzoeken van zijn roots, de plekjes waar hij als kind gewoond heeft. Half juni is het zover, Jelte reist via Entebbe, Oeganda, per bus naar de grensstad Arua. Daar wachten we hem op en reizen we samen naar Lanza. Er volgt een gezellige tijd van ontmoetingen met mensen, bezoekjes aan de akkers van de 4Pijlers, een boottocht naar de overkant van de rivier. Maar Jelte is vooral bezig met het trainen van het muziekteam van de kerk. Ze hebben een nieuwe soundmixer gekregen, en nu leren ze daarmee om te gaan. Ook geeft Jelte hun les op het keyboard. De muzikanten zijn heel blij met deze lessen en passen het enthousiast toe. Al gaat de volumeknop wel snel weer op maximaal als Jelte even niet kijkt 😉

De week daarop staat er een bezoek aan Todro op het programma. Dit is de plek waar we als gezin van 1990-1994 hebben gewoond. Van Lanza naar Todro is ongeveer 80 km, een brommerrit van bijna vier uren. Roelof en ik samen op een brommer en Jelte met de bagage op de andere. Het is een avontuurlijke tocht over kleine weggetjes en een oversteek van de rivier op een trek-veerpont

In Todro wacht Ruta ons op. Zij was destijds de oppas voor onze kinderen en droeg ze als baby op haar rug. Het weerzien van Ruta is een zeer ontroerend moment voor Jelte en haar. Ze kan niet geloven dat dit dezelfde Jelte is, die ze op haar rug had gedragen. Dat is ook de reactie van veel andere mensen: wat is Jelte toch groot geworden! We ontmoeten ook Ruta’s zoon en dochter en zoeken alle bekende plekjes op, waaronder ons vroegere huis. Het huis en de tuin zien er wel heel anders uit dan 30 jaar geleden! Ik houd het liefst de herinnering aan hoe het er toen uitzag. We beklimmen de Todro berg, die we vroeger ook vaak beklommen. We ontmoeten vrienden van vroeger, die er nog steeds wonen. Jelte ontmoet zelfs het vriendje met wie hij vroeger altijd speelde, Papi. Heel bijzondere allemaal. Ondertussen benutten Roelof en ik de gelegenheid om mensen te spreken die de 4Pijlers toepassen en op de radio nog eens het 4Pijler werk onder de aandacht te brengen.

In de laatste week brengen we een bezoek aan Rethy. Hier heeft Jelte in 1996 een trimester op de kostschool voor zendingskinderen gezeten. Vanwege de slechte wegen vliegen we met de MAF naar Mahagi, vandaar gaan we per auto verder naar Rethy. Alle gebouwen van de vroegere zendingskostschool staan er nog. De school is nu in gebruik als Hogere School voor Techniek en Landbouw. Op deze school geeft Roelof landbouwlessen. De vroegere slaapzalen, de dorms, zijn voor een deel bewoond door de docenten en deels in gebruik als gastenverblijf. Ook hier geldt weer: de gebouwen zijn hetzelfde maar de ze worden op een heel andere manier gebruikt en (nauwelijks) onderhouden. Het basketbalterrein en voetbalveld zijn nog onveranderd en worden intensief gebruikt door de jeugd uit de omgeving. Jelte trapt graag een balletje mee.

Roelof en ik brengen ondertussen een bezoek aan de boeren die ook hier de 4Pijlers toepassen.

Tot besluit gaan we een paar dagen naar Oeganda naar een wildpark. We genieten van de prachtige natuur en het wild en kijken dankbaar terug op een mooie tijd samen.

Tjalling

Onze tweede gast, Tjalling, is mijn oudere broer. Hij is zojuist met pensioen gegaan en een van zijn dromen was om ons eens op te zoeken in Congo. Eind juli is het zo ver.  Zijn reis verloopt minder vlot dan die van Jelte. Tot aan de grens gaat het goed, maar vanaf Aru beginnen de problemen. Precies op de dag dat Tjalling in Oeganda aankomt, breekt er een wilde staking uit van de handelaren in onze provincie. Ze zijn boos over de hoge belastingen op hun koopwaar bij de provinciegrens. Over de hele route tussen Lanza en Aru zijn versperringen opgeworpen met brandende autobanden. We komen er niet doorheen, het zou zelfs gevaarlijk kunnen zijn. Dat wordt dus simpelweg wachten. Tjalling moet nu op eigen kracht de grens oversteken. En dat lukt hem gelukkig heel goed. Hij neemt een brommertaxi en trotseert alle bureaucratie aan de grens. In Aru kan hij logeren bij het Duitse zendingsgenootschap DIGUNA. Het komt hem nu goed uit dat hij vloeiend Duits spreekt. Na twee dagen wachten is het zover: de versperringen worden opgeheven! We weten niet hoe snel we naar Aru moeten rijden. Wat een blij weerzien wordt dit. Eindelijk kan Tjalling naar Lanza reizen.

Tjalling is zeer geïnteresseerd in ons werk, de 4Pijlers-landbouw, maar ook in de mensen, de natuur, de omgeving.  We gaan dus direct naar de akkers van de 4Pijlers en Tjalling drinkt alles in zich op en steekt ook zijn handen uit de mouwen. Ook nu komt er weer veel bezoek. De meeste mensen komen gewoon groeten en met hem bidden, dat is hier heel normaal na bijna elk bezoek. Een oudere onderwijzer komt hem een flesje honing brengen. We maken wandelingen naar de rivier en zien er een nijlpaard met jong! We steken de rivier over en komen daar een Pygmeeën familie tegen. Tjalling loopt voortdurend met zijn verrekijker om de hals zodat hij geen vogel of wild dier hoeft te missen. Ook doen we een training en een veldbezoek bij twee 4Pijler-groepen. We worden hartelijk ontvangen met een heerlijke maaltijd. Thuis in Lanza genieten we van het samenzijn en hebben we veel interessante gesprekken. Op de laatste avond zijn we uitgenodigd bij Samuel en zijn familie.

Ook Tjallings bezoek sluiten we af met een dag wildpark in Oeganda. We zijn heel dankbaar dat Tjalling bij ons kon komen, ondanks de hindernissen. Het wordt een onvergetelijke ervaring voor ons alle drie.

Parels

Er is iets ongekends gebeurd in Lanza. Een jong paar heeft zich officieel verloofd en binnenkort gaan ze trouwen!  De gelukkigen zijn David en Estella. Wij kennen ze allebei. David is leraar aan de middelbare school en de mediaman bij het vertaalteam van de Dhongo Bijbelvertaling. We ontmoeten hem vaak op het kantoor van de vertalers. Estella is een dochter van Elizabeth. Ze wonen vlakbij ons en komen geregeld langs voor een praatje of om ons te helpen op de akkers.

Volgens insiders is er de afgelopen dertig jaar geen officiële kerkelijke bruiloft meer geweest in Lanza. Dus iedereen kijkt reikhalzend uit naar deze bijzondere gebeurtenis. Roelof en ik worden samen met enkele familieleden uitgenodigd op een etentje ter gelegenheid van hun verloving. We mogen voor ze bidden en wat advies geven. Het wachten is nu op de grote dag. De familie van de bruid bepaalt een dag waarop de bruidsschat kan worden gebracht en daarna is het groen licht voor het burgerlijk en kerkelijk huwelijk,

Het blijft enkele maanden stil. Waarom gebeurt er niets? Maar dan is er nieuws: oeps, Estella is zwanger! Nu kan het lang verwachte grote feest niet meer plaatsvinden. Het goede nieuws is dat de zwangerschap wel van David is. Het huwelijk gaat dus ‘gewoon’ door, maar nu met alleen een vrij bescheiden traditionele bruiloft binnen de familie. Op 13 januari is het feest gepland. De stemming zit er goed in. De bruid wordt met veel zang en dans binnengehaald op het erf van de bruidegom. Ze is helemaal ingepakt in een doek en wordt de geïmproviseerde feesttent binnengeleid. De bruidegom wordt na haar binnengehaald, ook helemaal ingepakt. Het bruidspaar neemt plaats. De voorgangers van de kerk zijn niet aanwezig. Roelof en ik zijn wel uitgenodigd en Roelof mag het Woord van God delen tijdens de bruiloft. Een hele eer!

Ruim vijf maanden later wordt de baby, een meisje, geboren. Ze heet Shukuru dat betekent: Dank! David en Estella zijn erg dankbaar en blij voor dit prachtige pareltje dat ze van God hebben ontvangen. Roelof en ik zoeken het echtpaar met de baby op in het huisje waar ze wonen. Een één-kamer-huisje met 2 stoelen en een bed. Volgens de tradities mag het kind de eerste maand het huis niet verlaten. Maar voor een mooie foto maken ze een uitzondering. Wat een blij gezinnetje: David, Estella en Shukuru.

In de hele Dhongo streek en daarbuiten is het in deze tijd erg ongebruikelijk om officieel in het huwelijk te treden. De meeste jongeren beginnen ‘gewoon’ aan een gezin, als ze er al aan beginnen. Vaak ook raakt het meisje zwanger en blijft dan achter als alleenstaande (tiener)moeder. Als het paar besluit om te gaan samenwonen, komt het probleem van de bruidsschat later. Eerst moeten de ‘boetes’ betaald worden voor de zwangerschap en bevalling en bijvoorbeeld voor het verlies van scholing van het meisje. Als de man het huwelijk serieus neemt, gaat hij beginnen met sparen voor de echte bruidsschat. De schoonfamilie, maakt een afspraak voor het overhandigen van de ‘rekening’. Die bestaat uit 20 geiten, en daarbovenop geld voor het feest en kleding voor de schoonfamilie. De hoogte van de bruidsschat is niet het grootste probleem. Vaak betaalt de hele familie eraan mee. Het echte obstakel is de schoonfamilie, die helemaal niet wil overleggen, en steeds weer het overleg uitstelt, omdat er altijd wel een familielid is dat dwarsligt. Jongeren worden hierdoor zo ontmoedigd, dat ze er maar helemaal niet meer aan beginnen. Het gevolg is dat de meeste jongeren, ook al zijn ze oprechte christenen, niet mogen deelnemen aan het avondmaal en dus maar een bijrolletje kunnen spelen in de kerk. We bidden al heel lang om een verandering in deze situatie. David en Estella hebben laten zien dat het ook anders kan. Misschien was hun situatie niet helemaal perfect, ze zijn parels! We hopen en bidden dat anderen hun voorbeeld zullen volgen.

December 2021

Trainingen

Planten van gezonde cassavestekken

Groenbemesters tussen de bananen

Het bestrijden van armoede vraagt om trainen, trainen en trainen. Hoe zaai je zonder te ploegen en zonder de akkers te branden? Hoe ga je om met een rugspuit? Hoe en wanneer gebruik je groenbemesters? Hoe houd je de bodem vruchtbaar met verschillende organische meststoffen? Hoe zorg je voor goed zaaizaad, gezonde stekken van cassave en banaan? Allemaal onderwerpen die we oefenen in de praktijktraining voor trainers. Ook wordt er geoefend met het onderhoud en de bemesting van de bananenbomen.

Steriliseren van het kapmes voor het onderhoud van de bananenboom

Onderhoud van de bananenboom

De 4 Pijlers breiden zich uit over een steeds groter gebied: van Adi in het noordoosten tot aan Isiro in het westen. Op al die plaatsen zijn trainers nodig die ter plekke boerengezinnen kunnen trainen. We nodigen overal mensen uit voor een praktijktraining voor trainers. De respons is overweldigend. In december zijn er twee trainingsweken. In de eerste week komen er 35 deelnemers, waarvan twee vrouwen. Voor de meeste vrouwen is het lastig om een hele week weg te zijn bij hun gezin. Wie past op de kinderen, wie kookt er voor het gezin? We hebben de vrouwen daarom een kleine bonus beloofd. En het werkt: De tweede week, alleen bestemd voor vrouwen, komen er 11 vrouwen opdagen. Een goed begin.

Neema legt de 4 pijlers uit

Ik ben een van de trainers van de vrouwentraining samen met Neema uit Lanza en meneer Ayikoli. De trainingen zijn bij een kerk in een plaats langs de grote weg. Dat is goed bereikbaar voor iedereen. We logeren met de vrouwen in het gastenhuis van de kerk. Het is superleuk om drie dagen met deze vrouwen op te trekken. Ze zijn zeer gemotiveerd en enthousiast. Het is half december, er valt geen drupje regen en vanaf 8 uur staat de hete zon boven de akkers. Niet geklaagd, Catherine, Rebecca en Jeanne uit Watsa en alle anderen gaan vrolijk aan de slag in de brandende zon. Ayikoli, Neema en ik begeleiden ieder een groepje. Om 11 uur is iedereen wel moe. Dan gaan we naar binnen en volgt het theoriegedeelte.

Ayikoli demonstreert het snijden van gezonde cassavestekken
De kers op de taart is een bezoek aan Lanza. Met de bus, op brommers en met onze auto komen de deelnemers een dag naar Lanza. We laten ze de akkers van de 4Pijlers zien en geven er uitleg bij. Veel deelnemers maken nog snel wat aantekeningen in hun schrift. Vol belangstelling bekijken ze de resultaten op onze akkers. Het is heel motiverend: wat een prachtige mais, wat slim om de groenbemester tussen de bananen te zaaien, wat een prachtige grond zit er onder die groenbemester. We geven nog een deel theorie en dan is er lekker eten voor iedereen. Vol mooie plannen voor het komende seizoen gaat iedereen weer naar huis.

Trotse deelneemsters aan het einde van de cursus in Lanza

Vakantie
En dan is het tijd voor vakantie. Het eerste weekend kamperen we een nacht op het 4Pijler veld. We zetten de tenten op naast het beekje Payi en genieten van de rust en de vogels. De volgende ochtend worden we getrakteerd op een prachtige zonsopkomst. Maandag pakken onze brommers en gaan er met ons vieren drie dagen tussenuit. De bestemming is Todro, waar we al in de jaren 90 waren begonnen. Dat ligt 85 km van Lanza op de brommer.

Kamperen op het veld

Oversteek van de rivier Obi bij Todro

Weerzien met Ruta

Er zijn nog een paar mensen in Todro die we goed kennen. Een ervan is Ruta, de vrouw die op onze kinderen heeft gepast toen we daar woonden van 1990-1994. Dit was de eerste keer dat ze Margreet weer zag. Een ontroerend weerzien. We laten ons een paar dagen heerlijk verwennen door mama Teresa en Ruta die voor ons koken. We beklimmen de Todro berg, een must als je daar bent. En we brengen een bezoek aan de akkers van oude vrienden. Tegelijk gebruiken we deze gelegenheid om de 4Pijlers via de lokale Christelijke radio bekend te maken. Terug in Lanza vieren we samen met onze broeders en zusters het kerstfeest.

Op de Todro berg

Gods vrede en zegen in 2022

Bezoek uit Europa

Hun visum voor Congo was er verrassend snel, daarna was de reis gauw geboekt via Kampala, Oeganda. Dat is de snelste en goedkoopste reisroute om bij ons te komen. Van Kampala gaan er bussen tot aan de grens. Op 15 oktober was de vlucht en op 17 oktober de aankomst in Aru. Wij waren er klaar voor. Het gastenhuisje was mooi opgeknapt en de auto gerepareerd. We reisden naar Aru en wachtten daar vol spanning hun komst. Van wie?? Onze jongste dochter Margreet en haar man Niek.

God had een ander plan. De avond van de vlucht kregen we telefoon: we mogen niet in het vliegtuig! Het probleem was het visum voor Oeganda. De regels daarvoor zijn net veranderd en nu kan het alleen nog maar online. Wat een teleurstelling! Precies in deze tijd kwam Esther, onze supervisor van CFI Stuttgart, voor een werkbezoek van een paar dagen in Lanza. Nu hadden we al onze tijd en aandacht voor het bezoek van Esther. Heel spannend voor ons. Het eerste bezoek van onze supervisor. Hoe zou ze ons beoordelen? Welke indruk krijgt ze van ons werk? Wat gaan de boeren en kerkleiders haar vertellen? Gelukkig, het liep allemaal op rolletjes.

Margreet en Niek boekten hun vlucht om. En op zondag 24 oktober konden we hen dan eindelijk in de armen sluiten op de grens met Oeganda. Wat een blijde ontmoeting! De volgende dag ging de reis verder naar Lanza. Alle mensen in Lanza waren superblij met hun komst.

De eerste dagen was er elke dag wel iemand om hen te begroeten en met ze te bidden, de voorgangers en oudsten van de kerk, het gebedsteam en de buren. De eerste zondag was direct een feestelijke dienst voor de vrouwen, een overvolle kerk en een maaltijd na afloop.

Ze zijn druk met het leren van de lokale streektaal, het Lingala. Elke ochtend geef ik hun twee uurtjes les en verder oefenen ze het direct in de praktijk. Ze zijn door het gebedsteam uitgenodigd om deel te nemen aan de diverse gebedsactiviteiten. Verder gaan ze regelmatig naar een markt in de buurt om te evangeliseren en te bidden voor mensen met pijn, ziekte of andere problemen. Mensen uit het gebedsteam willen graag mee om van ze te leren. Ook Roelof en/of ik gaan graag mee; we werken samen, vertalen in het Lingala en leren elke keer weer iets nieuws.

De dichtstbijzijnde markt is aan de overkant van de rivier, in het dorpje Kakira. Je komt dan in een bosrijke omgeving waar veel Pygmeeën wonen. Afgelopen vrijdag waren we daar. De Pygmeeën luisterden met veel belangstelling naar de evangelisatie en vroegen om gebed. Ze wilden ook erg graag met Margreet en Niek op de foto. De komende tijd staan er nog veel meer evangelisatie activiteiten op het programma. Overdag doen we een 4Pijler seminar en in de avond laten we de Jezusfilm zien. Na afloop is er dan een oproep voor gebed voor bekering, genezing en bevrijding.

Margreet en Niek verblijven in het opgeknapte gastenhuisje. Dat is nu een perfecte ruimte voor gasten. Er zijn 3 slaapkamers, een woonkamer/keukentje en een badkamer. Naast hun evangelisatiewerk zijn ze ook heel praktisch bezig. Er is altijd genoeg werk in de moestuin en in en om huis. Margreet maakt zich verdienstelijk op de trapnaaimachine. Ze naait kussenhoezen voor onze nieuwe bank en Niek doet allerlei klussen in huis en tuin. Hij heeft zojuist een prachtige bijenkast voor ons getimmerd. Het is heerlijk om hen hier te hebben. Na bijna drie jaar in Lanza zijn zij de eerste gasten uit Nederland! Wie volgt?