Bomen planten voor een betere toekomst

Al vanaf het begin dat wij in Congo wonen, heb ik een passie voor bomen. In dit land worden dagelijks veel bomen gekapt: voor palen, planken, brandhout en houtskool, of gewoon om plaats te maken voor een stuk landbouwgrond. Er zijn echter maar weinig mensen die visie hebben voor het planten van bomen.

In Amanipi waar we nu wonen, is het oorspronkelijke bos helemaal verdwenen. Dat komt voor een groot deel door de tabaksteelt. Vanaf de jaren ’70 vorige eeuw tot begin deze eeuw was een grote tabaksonderneming actief in deze streek van Congo en over de grens in Oeganda. Tabaksbladen moeten gedurende drie dagen en drie nachten worden gedroogd in een soort rookoven. Daarvoor is veel hout nodig. Alle bomen van het bos werden zonder onderscheid gekapt. Wat overbleef was een kale savanne. Daarna plantten de boeren bomen voor brandhout, vooral de Eucalyptus. Dus de meeste bomen die we om ons heen zien zijn aangeplante bomen. Dat is in elk geval beter dan niks.

Ik probeer mijn steentje, of liever gezegd boompje bij te dragen door zelf zoveel mogelijk bomen te zaaien: Teak, Calliandra, Leucaena en zelfs de oorspronkelijke bomen zoals de Afrikaanse Mahonie en andere soorten. Calliandra en Leucaena zijn belangrijke schaduwbomen in koffie- en bananenplantages.

We planten deze bomen op het terrein van de kerk dat wij voor de 4Pijlers gebruiken of we delen ze uit. Kortgeleden hebben we een geïmproviseerde kas voor de boompjes gebouwd. Niet van glas maar van plastic gaas. Ik vind het heerlijk om daar te werken, mijn werkplek!

Veel jongeren in deze streek hebben geen duidelijke toekomst: jongens en meisjes vanaf een jaar of zestien die hun middelbare school niet konden afmaken om allerlei redenen: geen geld, zwangerschap of gewoon geen zin meer in school. Ze wonen nog bij hun ouders thuis en proberen wat bij te verdienen als dagloners op de akkers van rijkere boeren. Het stukje grond dat ze ter beschikking hebben is vaak uitgeput. Daar kun je geen droge foefoe mee verdienen.

Maar als je bomen plant, kun je die per boom goed bemesten met compost of andere mest. Bomen zoals Eucalyptus en koffie geven binnen een paar jaar een goed rendement. Eucalyptus levert goed constructiehout op en koffie is een goed betaald product op de plaatselijke markten. Op het resterende perceel kunnen ze de 4Pijlers toepassen zodat die grond ook nog wat meer gaat opleveren. Op deze manier kunnen deze kwetsbare jongeren, alleenstaande (tiener)moeders toch een toekomst opbouwen.

Vanaf april dit jaar begeleiden we deze jongeren en alleenstaande moeders bij het planten van koffie- en/of Eucalyptus boompjes. De meesten kiezen koffie. Iedereen kan maximaal 40 boompjes gratis krijgen, onder de voorwaarde dat de plantgaten zijn gegraven. We kopen de koffieboompjes bij een boomkweker. Deze specialist begeleidt hen bij het planten en onderhouden van de boompjes gedurende een jaar. We zijn al begonnen in Amanipi en verschillende andere plaatsen verderop.

Op een informatiebijeenkomst in de kerk komen veel jongeren maar ook alleenstaande moeders en zelfs ouderen. We leggen de bedoeling van het project uit en na afloop kunnen de belangstellenden zich inschrijven voor een gekozen aantal koffie/eucalyptus boompjes. Het is dringen geblazen want deze kans laten ze niet zomaar voorbijgaan!

Aleni is een alleenstaande moeder in Amanipi. Ze laat ons weten dat ze klaar is met het graven van haar gaten. Anguezu en ik komen kijken. En ja, ze heeft er al zevenendertig af, nog even doorzetten tot de veertig! Aleni heeft drie kinderen. De oudste twee zijn naar school. Haar jongste zoontje is thuis en speelt met een buurmeisje. Ze woont op het erf van haar oom. De grond is eigendom van de familie. Dat is mooi want anders zou ze hier geen koffie kunnen planten.

Dido en zijn broer zijn nog ambitieuzer, ze hebben al over de honderd gaten gegraven. Het ziet er heel professioneel uit. We wijzen er wel op dat ze veertig planten gratis krijgen, de rest moeten ze zelf betalen. Oh haha, nou geen probleem, lachen ze. Een jonge koffieplant kost hier ongeveer vijftien eurocent.

We staan nog aan het begin van dit project en er zijn al meer dan honderd deelnemers maar we verwachten dat dit aantal snel kan oplopen tot over de duizend. Ik ben heel blij dat we mogen bijdragen aan de toekomst van zoveel kwetsbare mensen.

Amanipi

Amanipi

Sinds maart van dit jaar wonen Roelof en ik in Amanipi, een klein dorp in het uiterste noordoosten van Congo. Het ligt dichtbij Oeganda en 40 kilometer van de grens met Soedan en aan de rand van het leefgebied van de bevolkingsgroep Lugbara. Een belangrijke hoofdweg verbindt de grens met grotere steden in Congo, en Amanipi ligt zo’n drie kilometer van die weg.

Maar wat is Amanipi nu precies? Op het eerste gezicht zien we alleen het kerkgebouw van de evangelische en twee eenvoudige bakstenen huizen met golfplaten daken. Later ontdekken we dat Amanipi zich uitstrekt over een savanne van meerdere vierkante kilometers met her en der verspreide huizen. Er is zelfs een echt centrum met een katholieke kerk en school. Het duurt even voordat je de mensen vindt, daarvoor moet je echt eropuit trekken.

Rondwandeling

Ik maak een korte rondwandeling door de omgeving, beginnend bij ons huis. Het is fijn om de buren te zien en ze beter te leren kennen. Er loopt een pad van vijftig meter richting het kerkterrein. Rechtsaf gaat naar de kerk maar ik sla linksaf naar het huis van de voorganger. Hij en zijn bezoeker zitten buiten en begroeten me vriendelijk in het Lugbarati, en ik groet terug. De basisgroeten en smalltalk beheers ik inmiddels. Zijn vrouw en dochter zijn druk in de keuken, de kinderen spelen op het erf. De voorganger lacht me toe. Ondanks de armoedige omstandigheden is hij altijd opgewekt. Dat is geen oppervlakkigheid, maar het zit diepgeworteld in zijn geloof in Jezus.

Even verderop kom ik bij een ander groepje huizen, gebouwd in lokale stijl. Hier wonen Anguezu en Sorry met hun gezin. Ik loop het erf op. Er is altijd wel gezellige drukte daar en meestal veel kleine kinderen. Als ik aankom, worden er direct een paar stoelen klaargezet. Je loopt niet zomaar door. Even zitten, dat is Congolese gastvrijheid. Je voelt je altijd welkom en dat doet goed. Ik ga zitten en Sorry en ik maken een praatje .Na een tijdje vervolg ik mijn wandeling.

Het volgende erf is van Alio en Ayikuru, een gezin met vijf kinderen. Alio is bezig met de reparatie van zijn oude motor. Hij heeft het hele motorblok uit elkaar gehaald en zet met veel geduld het hele ding weer in elkaar. Alio is erg handig. Ik sta er met verwondering naar te kijken. Het gereedschap lijkt minimaal, maar het lijkt hem allemaal gemakkelijk af te gaan Hij helpt ons thuis ook vaak met allerlei klussen.

Ayikuru

Op het erf ligt de cassave te drogen die eerst in het water is geweekt. Na het drogen kan het lang worden bewaard. De mensen hier maken er fufu van, ze zijn er helemaal dol op. Ayikuru is er ook met de twee jongste kinderen: Manzedri en Jeremy. De kinderen zijn behoorlijk verlegen tegenover mij. Ze kruipen het liefst weg achter de rug van hun moeder.  Ayikuru helpt mij drie ochtenden in de week bij het huishouden: de was doen met de hand, het huis schoonmaken en broodbakken. Ik ben blij met Ayikuru. Zonder haar zou ik de hele dagen zelf in huis bezig zijn omdat al het werk hier met de hand gebeurt.

Samen bekijken we het pindaveld dat Ayikuru heeft aangelegd zonder te ploegen. Ze is heel blij met de 4Pijler-methode. Het bespaart haar veel tijd en geld en ze wordt er veel minder moe van.. Terwijl we zitten te praten, halen de buurkinderen oliepalmvruchten uit de boom. “Maken jullie er palmolie van?” (Dat deden ze altijd in Lanza) “Nee hoor, daarvoor zijn dit te weinig vruchten, we eten ze gewoon op, heerlijk!”

Markt

Woensdag is het markt in Orya, een dorpje dat vier kilometer verderop ligt.  Ayikuru en ik gaan er op de fiets naartoe. Onderweg komen we allerlei bekenden tegen en overal maken we even een praatje. We komen langs het centrum van Amanipi. Er zijn motorreparateurs, en er is benzine en sterke drank te koop. ’s Avonds schalt er vaak luide muziek uit grote boxen. De eerste bekenden die we tegenkomen zijn Alio en Anguezu, ze hebben een vergadering in dit centrum. Vervolgens zien we een voorganger van de evangelische kerk. Hij verkoopt benzine.

Uiteindelijk bereiken we de markt. Het is er een drukte van belang met de vrolijkheid en veelkleurigheid die Congo zo kenmerkt. De waren liggen gewoon op de grond uitgestald en de vrouwen zitten er op krukjes naast. Op dit moment zijn de pinda’s pas geoogst. Dus de hele markt ligt er vol mee. Die gaan voor een prikkie weg.

Ik heb alleen wat groente en fruit nodig. Er is veel witte kool. Voor ongeveer 13 cent bemachtig ik een kooltje en voor hetzelfde bedrag een papaja, Dat kost echt helemaal niks! Het is duidelijk, de verdiensten zijn hier minimaal.

Een mundú (blanke) op de markt, dat is een hele bezienswaardigheid! Ik word van alle kanten aangestaard. Veel vrouwen en kinderen zijn erg verlegen en staren me wat argwanend aan. Ik voel me echt een vreemde eend in de bijt. Gelukkig kan ik nu met mijn Lugbarati wat contact maken Een groet in hun eigen taal breekt vaak het ijs. Een paar oudere mannen willen me juist graag even groeten, het liefst in het Frans. Misschien om indruk op mij te maken?

Na wat rondkijken zoeken we onze fietsen weer op. Mijn band krijgt wat extra lucht van een van de fietsenmakers en dan gaan we weer op huis aan. Voor mij is het gemakkelijk op een comfortabele mountainbike. Ik denk aan al die vrouwen die de hele afstand of nog verder te voet moeten afleggen met zware lasten op hun hoofd!

Ik voel me rijk gezegend dat ik hier tussen de mensen mag wonen en werken maar ik besef ook dat er nog een lange weg te gaan is voordat de mensen aan de armoede zullen ontkomen.

Sorry

Het is geen vraag om excuses, maar de naam van een opmerkelijke vrouw in Amanipi.  Wie Sorry zegt, denkt aan evangelisatie, gebedswerk, kinderkoor, zingen en dansen in de kerk.

Sinds kort is ze ook onze buurvrouw. En ze is een vurig verdedigster van de 4 Pijlers in deze streek. Sorry en haar man Anguezu hebben al verschillende akkers bewerkt met de 4 Pijlers methode, ze zijn er vanaf het begin volop voor gegaan. Vorige week was Sorry als enige vrouw aanwezig op een belangrijke 4Pijler seminar. Het hinderde haar niet. Ze is gewend het voortouw te nemen en ver voor de troepen uit te lopen.

Ik ga vandaag met haar mee naar hun rijst akker, ongeveer 2 km lopen vanaf hun huis. Ik vraag Sorry waarom ze begonnen is met de 4Pijlers. Veel mensen in deze streek hebben immers nog wat twijfel, ze kijken de kat uit de boom. Ze wijst mij op de verschraalde akkers die we onderweg tegenkomen. “Kijk, daar kunnen de mensen geen pinda’s of mais meer verbouwen, alleen nog maar cassave. Het groeit zelfs nog op verarmde grond, maar brengt dan weinig meer op”. Cassave is het basisvoedsel hier, de markt ligt er helemaal vol mee, daarom zijn de prijzen erg laag. Het betekent bittere armoede en ondervoeding voor de kinderen.

Sorry: “We leerden hoe je met de 4Pijlers meer kunt produceren en langer op hetzelfde perceel kunt telen. Daarom zijn we direct met deze methode begonnen. En we hebben al een prachtige pinda oogst gehad”. Dat klinkt veelbelovend.

We komen aan op de rijstakker, die ligt in een dal naast een smalle kreek. De eerste rijst is al ingezaaid zonder te ploegen en komt al mooi op. Vandaag gaat Sorry de rest inzaaien. Ze zaait uit de losse hand, dat is hier de gebruikelijke methode, daarna werkt ze de zaden er lichtjes in met een hak, makkelijk licht werk.

Ik vraag Sorry wat haar toekomstvisie is. Allereerst wil ze dat haar vier kinderen worden onderwezen in de Bijbel en opgroeien als discipelen van Jezus. Mensen die zich onderscheiden door hun geloof en gehoorzaamheid. Verder wil ze dat de kinderen een goede opleiding ontvangen. De oudste zoon, Prospère, gaat na de vakantie naar de vijfde klas basisschool. De jongste zoon Moise is twee jaar. Daartussenin zitten nog Daniel en Charité.

Gisteren was het even schrikken: Moise zat bij zijn broer achterop de fiets en kreeg zijn voetje tussen de spaken. Sorry neemt hem mee naar mij. Zijn hele hiel is ontveld. Maar Moise is dapper en geeft geen kik. Ik ontsmet de wond en leg er een verbandje om. Moise is weer helemaal blij!

Sorry heeft veel visie voor evangelisatie. In de vijf jaar dat ze in Amanipi woont, heeft ze aan velen het evangelie verteld en verscheidene jongeren weer tot levend geloof zien komen, waaronder haar eigen man! Verder is ze zangleider voor de gemeente, ze leidt ook het kinderkoor. Dit jaar wordt ze voor het eerst diacones. Dat betekent veel dienende en tegelijk leidinggevende taken. Wanneer er gasten komen, is zij verantwoordelijk hun ontvangst.  Verder is ze actief in het gebedswerk en gaat ze na de vakantie een bijbelleesgroep leiden. Ze is onderwijzeres van beroep en heeft echt een hart voor de jeugd.

Sorry en Anguezu voor hum nieuwe huis met hun vier zoontjes en twee neefjes

We zijn heel blij met onze nieuwe buren, Sorry en Anguezu en hopen nog jaren vruchtbaar met hen te mogen samenwerken!

Amanipi-Nederland en weer terug

Op het laatste nippertje werd mijn paspoort vrijgegeven en opgestuurd naar de grensplaats Aru. Zo kon ik op 9 mei ik hals over kop Amanipi verlaten om naar Nederland te reizen voor de begrafenis van schoonmoeder van Til. De landbouwtraining die ik die week had geleid, was bijna afgerond. Terwijl de deelnemers nog aan hun laatste maaltijd zaten, reed ik al weg richting de grens. In minder dan twee dagen stond ik op Nederlandse bodem op zaterdagochtend 11 mei. Op Schiphol stonden broer en schoonzus Tjalling en Bea al klaar om mij op te halen en zo konden wij nog precies op tijd op de begrafenis zijn in Uithuizermeeden. Wat een wonder!

Het was een dienst van dankbaar terugkijken op een rijk en gezegend leven in geloof en vast vertrouwen in haar Redder en Heer Jezus Christus en de zekerheid dat ze haar Heer zou ontmoeten.

Daarnaast was het ook een ontmoeting met alle zwagers en schoonzussen, neven en nichten en bredere familie en met onze kinderen. Zes kleindochters die naar oma genoemd waren, waaronder onze dochter Margreet, droegen oma in de kist de kerk in en uit. Dat was heel ontroerend. Ook de begrafenis zelf was indrukwekkend zoals we als familie ( vooral de kleinzoons) samen het graf mochten dichten.

In de weken daarop, volgden vele ontmoetingen met de familie, vrienden, onze thuisgemeente en met onze kinderen en kleinkinderen. Ook de jongste kleindochter Saskia uit Engeland mochten we in onze armen sluiten. Het was niet gepland en het voelde daarom als een bonus om zoveel bij de (klein)kinderen te kunnen zijn. We genoten ook van de zomer met al het groen en de vogels en van de rust. Zus en zwager Trees en Linus hadden weer een perfect huis voor ons in orde gemaakt in het bos bij Beekbergen waar we iedereen goed konden ontvangen. En zo vloog de tijd weer om. We kijken dankbaar terug op deze tijd. Een tijd van afscheid nemen, verdriet, maar ook blijdschap om het weerzien van familie, van kinderen en kleinkinderen.

Na vijf weken in Nederland, keken we ernaar uit om weer naar Congo terug te reizen. Het eerste groeiseizoen is bijna klaar en enkele gewassen kunnen al geoogst worden. En ondertussen kunnen we de akkers voorbereiden voor het tweede groeiseizoen van juli tot november. Vanaf dinsdag 11 juni kregen we al ongeduldige sms-jes van onze vrienden waar we toch bleven, 10 juni was immers de terugreis? Ja maar zo snel konden wij niet! Onze reis duurde ruim vier dagen inclusief een rustpauze van anderhalve dag in Kampala.

Vrijdagmiddag 14 juni was het zo ver: we reden ons dorp binnen en daar onder de mangoboom zat iedereen al klaar. Ze hadden een gebedsdienst voorbereid met de voorganger, oudsten en onze naaste medewerkers. Aansluitend was er een maaltijd.  Wat een warm onthaal. Alsof dat nog niet genoeg was, was er de dag erop een officiële herdenkingsdienst georganiseerd voor de hele kerkelijke regio ter nagedachtenis aan moeder van Til. Hier kwamen de voorgangers en kerkelijke medewerkers, vertegenwoordigers van de vrouwen met ons samen. Het werd een dienst van bijna twee uur. Er was gebed, veel zingen, begeleid door koperblazers, Roelof gaf een in memoriam, er was een schriftoverdenking, weer zingen, een collecte en ten slotte weer een gezamenlijke maaltijd. Na afloop van de dienst werd de collecte: een geldbedrag en veel goede gaven in natura zoals cassave, verse maiskolven, pinda’s eieren en drie kippen, in optocht naar ons huis gebracht. Roelof en ik waren diep onder de indruk van zoveel warmte. We voelden ons hier al thuis, maar nu nog veel meer!

Afscheid en nieuwe start

Het varken, de geit en de haan die waren geslacht voor ons afscheidsfeest in Lanza, gingen schoon op. Het was een feest met een zwart randje. Voor mij was het moeilijk om de mensen met wie we vijf jaar hebben opgetrokken achter ons te laten. Maar het feest was een vrolijk gebeuren met samen zingen, korte overdenkingen, toespraakjes en muziek en lekker eten tot slot. Het eten was open voor het hele dorp en de kinderen kwamen ook massaal hun bordje volladen. De dinsdag daarop waren we klaar voor vertrek met onze laatste bagage. Het afscheid van enkele trouwe vrienden was emotioneel. We sloten af met gebed. En in gebed zullen we met elkaar verbonden blijven.

En nu op naar Amanipi met een auto vol spullen, de kippen en de poes. Honderdtwintig kilometer naar het noorden en ruim zes uur later wachtten de mensen in Amanipi ons op. We werden met open armen ontvangen. De voorganger Ferdinand met zijn dochter en twee diakenen verwelkomden ons op het terrein van de kerk. We dankten God voor de veilige reis.

We zijn nu al ruim 6 weken in Amanipi en voelen ons er steeds meer thuis. De opslagplaats die we gebouwd hebben is af, er zitten twee kamers in, het kantoor en een gastenkamer. Hier kunnen we voorlopig goed in wonen. Op 9 maart is het huis officieel ingewijd met gebed door de voorganger, oudsten en diakenen en de mensen die aan het huis gebouwd hebben. De officiële opening bestond uit een gebed en het plakken van het 4Pijlers logo op de deur.

Op dit moment wordt er volop gebouwd aan een keuken en daarna is het woonhuis aan de beurt. Altijd bedrijvigheid in en om huis. Ook komen geregeld groepjes vrouwen of kinderen naar ons kijken. Hoe zien die blanken er nou eigenlijk uit? En wat doen ze daar?? Af en toe verlang ik naar de rust van Lanza en wens ik dat al deze bouwprojecten allemaal af zijn!

Ondertussen werken we hard aan de nieuwe taal, het Lugbarati. Elke dag krijgen we les van voorganger Ferdinand. We merken dat we steeds meer verstaan en zelfs al hele zinnetjes kunnen zeggen. Elke ochtend genieten we van de prachtige zonsopkomst die we vanaf onze veranda kunnen zien, als we tenminste op tijd opstaan.  Wat heerlijk om zo de dag te beginnen!

Half maart zijn de regens begonnen en kan er overal gezaaid worden. Ook wij hebben onze eerste gewassen gezaaid: mais en bonen. Tegelijkertijd doen we ook zoveel mogelijk landbouwtrainingen. We worden uitgenodigd in verschillende dorpen. We geven eerst een presentatie met foto’s en wat theorie en de dag erop is er een praktijktraining. De mensen in deze streek zijn zeer geïnteresseerd omdat ze merken dat hun terreinen niet meer zoveel opleveren als vroeger. We vertrouwen erop dat met het toepassen van de 4Pijlers hun gronden weer meer gaan opleveren.

Verhuis perikelen

Open armen

Nederland lijkt alweer heel ver weg. Na onze terugreis naar Congo zijn we direct naar onze nieuwe woonplaats, Amanipi, gegaan. We waren blij te zien dat de bouw van ons nieuwe huis al mooi was gevorderd. De bouwers hebben de muren opgevuld met leem, het wordt zo een echt huis. We zijn nu ruim een maand verder en de muren en vloeren zijn afgewerkt met cement. Wat een luxe. Vanuit Lanza hebben we al drie keer een rit gemaakt naar Amanipi. Urenlange ritten, met slechte wegen, extreme hitte en veel stof. Iedere keer nemen we een vracht huisraad mee achterop de pick-up.

De mensen in Amanipi wachten ons altijd met open armen op en zijn heel behulpzaam bij alles. We voelen ons gewaardeerd en geliefd. Wat een zegen. We worden ondergedompeld in het Lugbara-ti, de taal die we al sinds november ijverig aan het leren zijn. Maar dat was veel droogzwemmen. Nu horen we in het echt hoe je de woorden uitspreekt met de goede toonhoogte, sverbonden spraak en de specifieke uitdrukkingen van de streek. Vaak vragen we voorganger Ferdinand om ons een les te geven. Hij doet dat graag en spreekt het Lugbara-ti heel duidelijk uit. Gelukkig is hij erg geduldig met ons en wordt hij nooit moe om iets te herhalen.

Schrik

Op onze eerste reis naar Amanipi verloren we plotseling het linker achterwiel van de pick-up. De achterkant van de auto viel met een harde klap op de weg. We schrokken hevig. “Oooh”, riep Roelof, “de as is gebroken!”  Maar nee, het was een wiel dat los was geraakt. We vonden het wiel een heel eind achter de auto terug, met enkele bouten. Als een wonder werden de ontbrekende bouten later nog veel verder weg gevonden door een man op de fiets. Zou er niets ernstig beschadigd zijn? We krikten de auto op en plaatsten het wiel terug. En zowaar, we konden gewoon weer verder rijden met onze zware vracht. Sindsdien controleert Roelof voor iedere reis alle wielbouten. Bij onze tweede reis had de pick-up een probleem met de remmen. Gelukkig kwamen we langs een groot centrum met een autogarage op zijn Congolees.  Alles in de buitenlucht met alle instrumenten en onderdelen verspreid in het zand. Maar na een dag werken kwam het toch weer in orde. We zijn God dankbaar dat we ondanks deze pech veilig op onze bestemming zijn aangekomen.

Klussen en relaties

De afgelopen tien dagen waren we in Amanipi. Het huis is nog niet helemaal af, dus we sliepen in ons tentje. De mensen vonden het maar niks dat wij ‘buiten’ moeten slapen terwijl zijn zelf in een echt huis slapen. Maar we hebben ze verzekerd dat dit voor ons heel normaal is en dat we het zelfs leuk vinden. En de voordelen zijn dat er geen muizen of muskieten binnen kunnen komen!

Er was veel werk te doen. Roelof maakte deuren en luikjes terwijl de metselaars de muren en vloeren afwerkten. Ik heb al twee kamers gesaust. Ook op de akkers naast het huis is er voldoende werk. Een paar medewerkers hebben de braakliggende stukken dichtbij het huis afgemaaid en daarna heb ik de planten- en bomenresten op rijen gelegd. Dat is een warm werkje in de brandende zon! Maar ik heb het er graag voor over. De vier Pijlers zijn van start gegaan in Amanipi!

Veel mensen uit de streek kwamen kijken. Blanke mensen in Amanipi, dat is de attractie van de eeuw. Roelof amuseerde zich prima met de mannen en de jongens, half in Lugbara-ti, half half met gebaren. Ik communiceerde volop met de vrouwen en meisjes. Fijn om zo op spontane wijze veel mensen te leren kennen.

Honderd jaar evangelie

Het weekend maakten we een heel bijzonder evenement mee: het honderdjarig bestaan van het kerkelijke district Adi, waar ook Amanipi onder valt. Dat is een klein uur rijden vanaf Amanipi. In 1924 kwamen de eerste Amerikaanse zendelingen naar Adi om het evangelie van Jezus te brengen. Tijdens vier generaties is de kerk enorm gegroeid en is het geloof nog steeds zuiver en levend. Het was een groot feest in de vorm van een conferentie van 4 dagen. Wij waren er alleen op zondag bij. De feestelijke dienst, met meer dan duizend christenen, werd afgesloten met de viering van het avondmaal. Het is prachtig om op deze manier de eenheid met onze medechristenen in deze streek te ervaren.

December 2021

Trainingen

Planten van gezonde cassavestekken

Groenbemesters tussen de bananen

Het bestrijden van armoede vraagt om trainen, trainen en trainen. Hoe zaai je zonder te ploegen en zonder de akkers te branden? Hoe ga je om met een rugspuit? Hoe en wanneer gebruik je groenbemesters? Hoe houd je de bodem vruchtbaar met verschillende organische meststoffen? Hoe zorg je voor goed zaaizaad, gezonde stekken van cassave en banaan? Allemaal onderwerpen die we oefenen in de praktijktraining voor trainers. Ook wordt er geoefend met het onderhoud en de bemesting van de bananenbomen.

Steriliseren van het kapmes voor het onderhoud van de bananenboom

Onderhoud van de bananenboom

De 4 Pijlers breiden zich uit over een steeds groter gebied: van Adi in het noordoosten tot aan Isiro in het westen. Op al die plaatsen zijn trainers nodig die ter plekke boerengezinnen kunnen trainen. We nodigen overal mensen uit voor een praktijktraining voor trainers. De respons is overweldigend. In december zijn er twee trainingsweken. In de eerste week komen er 35 deelnemers, waarvan twee vrouwen. Voor de meeste vrouwen is het lastig om een hele week weg te zijn bij hun gezin. Wie past op de kinderen, wie kookt er voor het gezin? We hebben de vrouwen daarom een kleine bonus beloofd. En het werkt: De tweede week, alleen bestemd voor vrouwen, komen er 11 vrouwen opdagen. Een goed begin.

Neema legt de 4 pijlers uit

Ik ben een van de trainers van de vrouwentraining samen met Neema uit Lanza en meneer Ayikoli. De trainingen zijn bij een kerk in een plaats langs de grote weg. Dat is goed bereikbaar voor iedereen. We logeren met de vrouwen in het gastenhuis van de kerk. Het is superleuk om drie dagen met deze vrouwen op te trekken. Ze zijn zeer gemotiveerd en enthousiast. Het is half december, er valt geen drupje regen en vanaf 8 uur staat de hete zon boven de akkers. Niet geklaagd, Catherine, Rebecca en Jeanne uit Watsa en alle anderen gaan vrolijk aan de slag in de brandende zon. Ayikoli, Neema en ik begeleiden ieder een groepje. Om 11 uur is iedereen wel moe. Dan gaan we naar binnen en volgt het theoriegedeelte.

Ayikoli demonstreert het snijden van gezonde cassavestekken
De kers op de taart is een bezoek aan Lanza. Met de bus, op brommers en met onze auto komen de deelnemers een dag naar Lanza. We laten ze de akkers van de 4Pijlers zien en geven er uitleg bij. Veel deelnemers maken nog snel wat aantekeningen in hun schrift. Vol belangstelling bekijken ze de resultaten op onze akkers. Het is heel motiverend: wat een prachtige mais, wat slim om de groenbemester tussen de bananen te zaaien, wat een prachtige grond zit er onder die groenbemester. We geven nog een deel theorie en dan is er lekker eten voor iedereen. Vol mooie plannen voor het komende seizoen gaat iedereen weer naar huis.

Trotse deelneemsters aan het einde van de cursus in Lanza

Vakantie
En dan is het tijd voor vakantie. Het eerste weekend kamperen we een nacht op het 4Pijler veld. We zetten de tenten op naast het beekje Payi en genieten van de rust en de vogels. De volgende ochtend worden we getrakteerd op een prachtige zonsopkomst. Maandag pakken onze brommers en gaan er met ons vieren drie dagen tussenuit. De bestemming is Todro, waar we al in de jaren 90 waren begonnen. Dat ligt 85 km van Lanza op de brommer.

Kamperen op het veld

Oversteek van de rivier Obi bij Todro

Weerzien met Ruta

Er zijn nog een paar mensen in Todro die we goed kennen. Een ervan is Ruta, de vrouw die op onze kinderen heeft gepast toen we daar woonden van 1990-1994. Dit was de eerste keer dat ze Margreet weer zag. Een ontroerend weerzien. We laten ons een paar dagen heerlijk verwennen door mama Teresa en Ruta die voor ons koken. We beklimmen de Todro berg, een must als je daar bent. En we brengen een bezoek aan de akkers van oude vrienden. Tegelijk gebruiken we deze gelegenheid om de 4Pijlers via de lokale Christelijke radio bekend te maken. Terug in Lanza vieren we samen met onze broeders en zusters het kerstfeest.

Op de Todro berg

Gods vrede en zegen in 2022

Bezoek uit Europa

Hun visum voor Congo was er verrassend snel, daarna was de reis gauw geboekt via Kampala, Oeganda. Dat is de snelste en goedkoopste reisroute om bij ons te komen. Van Kampala gaan er bussen tot aan de grens. Op 15 oktober was de vlucht en op 17 oktober de aankomst in Aru. Wij waren er klaar voor. Het gastenhuisje was mooi opgeknapt en de auto gerepareerd. We reisden naar Aru en wachtten daar vol spanning hun komst. Van wie?? Onze jongste dochter Margreet en haar man Niek.

God had een ander plan. De avond van de vlucht kregen we telefoon: we mogen niet in het vliegtuig! Het probleem was het visum voor Oeganda. De regels daarvoor zijn net veranderd en nu kan het alleen nog maar online. Wat een teleurstelling! Precies in deze tijd kwam Esther, onze supervisor van CFI Stuttgart, voor een werkbezoek van een paar dagen in Lanza. Nu hadden we al onze tijd en aandacht voor het bezoek van Esther. Heel spannend voor ons. Het eerste bezoek van onze supervisor. Hoe zou ze ons beoordelen? Welke indruk krijgt ze van ons werk? Wat gaan de boeren en kerkleiders haar vertellen? Gelukkig, het liep allemaal op rolletjes.

Margreet en Niek boekten hun vlucht om. En op zondag 24 oktober konden we hen dan eindelijk in de armen sluiten op de grens met Oeganda. Wat een blijde ontmoeting! De volgende dag ging de reis verder naar Lanza. Alle mensen in Lanza waren superblij met hun komst.

De eerste dagen was er elke dag wel iemand om hen te begroeten en met ze te bidden, de voorgangers en oudsten van de kerk, het gebedsteam en de buren. De eerste zondag was direct een feestelijke dienst voor de vrouwen, een overvolle kerk en een maaltijd na afloop.

Ze zijn druk met het leren van de lokale streektaal, het Lingala. Elke ochtend geef ik hun twee uurtjes les en verder oefenen ze het direct in de praktijk. Ze zijn door het gebedsteam uitgenodigd om deel te nemen aan de diverse gebedsactiviteiten. Verder gaan ze regelmatig naar een markt in de buurt om te evangeliseren en te bidden voor mensen met pijn, ziekte of andere problemen. Mensen uit het gebedsteam willen graag mee om van ze te leren. Ook Roelof en/of ik gaan graag mee; we werken samen, vertalen in het Lingala en leren elke keer weer iets nieuws.

De dichtstbijzijnde markt is aan de overkant van de rivier, in het dorpje Kakira. Je komt dan in een bosrijke omgeving waar veel Pygmeeën wonen. Afgelopen vrijdag waren we daar. De Pygmeeën luisterden met veel belangstelling naar de evangelisatie en vroegen om gebed. Ze wilden ook erg graag met Margreet en Niek op de foto. De komende tijd staan er nog veel meer evangelisatie activiteiten op het programma. Overdag doen we een 4Pijler seminar en in de avond laten we de Jezusfilm zien. Na afloop is er dan een oproep voor gebed voor bekering, genezing en bevrijding.

Margreet en Niek verblijven in het opgeknapte gastenhuisje. Dat is nu een perfecte ruimte voor gasten. Er zijn 3 slaapkamers, een woonkamer/keukentje en een badkamer. Naast hun evangelisatiewerk zijn ze ook heel praktisch bezig. Er is altijd genoeg werk in de moestuin en in en om huis. Margreet maakt zich verdienstelijk op de trapnaaimachine. Ze naait kussenhoezen voor onze nieuwe bank en Niek doet allerlei klussen in huis en tuin. Hij heeft zojuist een prachtige bijenkast voor ons getimmerd. Het is heerlijk om hen hier te hebben. Na bijna drie jaar in Lanza zijn zij de eerste gasten uit Nederland! Wie volgt?

 

Op twee wielen door Congo

Fietsen
De auto staat stil maar het werk van de 4 Pijlers gaat gewoon door. We zullen ons op een andere manier moeten verplaatsen. Voor dichtbij huis is het simpel, daar hebben we brommers en nu ook twee mountainbikes. De fietsen til je zo in een kano. De oversteek van de rivier wordt dan gemakkelijk. En wij houden onze conditie op peil.

Op de brommer

In september staat een reis naar provinciehoofdstad Isiro op het programma. Een follow-up van het werk in april. De bus hebben we al uitgeprobeerd. Dat was geen daverend succes. Denk maar aan die overnachting in een scheefgezakte bus midden in oerwoud. Dan maar op de brommer. Niet één maar vier brommers tegelijk. Er moet veel bagage mee voor het werk. Ik ga bij Roelof achterop.

Onderweg doen we diverse plaatsen aan waar mensen al zijn begonnen met de 4Pijlers. De eerste plaats is Wanga. De dag daarop trekken we verder naar Mungbere, een plaats midden in het oerwoud. De mensen zijn enthousiast. Voorganger Gule heeft zijn akker klaar voor het inzaaien van twee soorten groenbemesters. Alle deelnemers doen mee en zo is het hele terrein als snel ingezaaid. Met de 4Pijlers blijft hun stuk grond vruchtbaar en hoeven ze niet telkens weer nieuw bos te kappen. De mensen maken hun akkers in het bos. Een andere plek voor landbouw is er niet.

Het is prachtig in Mungbere. Vanaf ons verblijf horen we de geluiden uit het bos en we zien Neushoornvogels en Touraco’s rondvliegen. Roelof en ik maken een wandelingetje door het bos. Sommige bomen zijn indrukwekkend hoog en dik. Ook de houthandelaars weten ze te vinden. We zien verschillende plekken waar het hout in planken wordt gezaagd. Het oerwoud is hier al behoorlijk uitgedund.

Onderweg komen we een Pygmeeënfamilie tegen. Ze maken graag een praatje met ons in de streektaal, het Lingala. Een gezellige, vrolijke groep van jong tot oud. Zij zijn de oorspronkelijke bewoners van het Congolese regenwoud. Ze leven van de jacht en het verzamelen van producten uit het bos. Hoe lang zal dit bos nog hun woonplaats zijn?

Dieren onder het bed
De mensen van de kerk ontvangen ons gastvrij met eten, drinken en warm water om ons te wassen. We krijgen een bescheiden slaapplaats, een eenpersoonsbed met muskietennet, prima. Roelof zoekt vlak voor de nacht zijn bril onder het bed. Hij vindt geen bril maar wel iets anders: een gulzige slang die zojuist een ei heeft opgeslokt. Een eindje verderop zit een kip op eieren. Slimme slang, dat is een makkelijke manier om aan een maaltje te komen. Is deze slang gevaarlijk? Geen idee! Voor de zekerheid pakt Roelof toch maar een stok en geeft hem de genadeslag. Voorlopig kan de kip weer rustig verder broeden en wij gaan rustig slapen.

Isiro
De reis gaat verder tot aan Isiro. Deze keer zijn we uitgenodigd door de protestantse kerk. Er is een groepje kerkleden dat al begonnen is met de 4 Pijlers. We frissen hun kennis een beetje op. Voorganger David is enthousiast over de 4 Pijlers. Hij is een echte leraar en gaat met wat beeldmateriaal de methode verder aan de man brengen.

Isiro is de residentie van de provinciale gouverneur. In april hebben we al gesproken met zijn adviseur voor milieu en met de minister van landbouw. De gouverneur heeft het te druk maar de vicegouverneur heeft gelukkig een momentje voor ons bij hem thuis. Hij is al op de hoogte van de nieuwe methode en heeft plannen om een terrein met verbeterde mais in te zaaien zonder te ploegen. We willen dat graag faciliteren. Roelof overhandigt hem de brochures van de 4 Pijlers.

Moe maar dankbaar komen we een week later thuis met ruim 900 km op de teller. Wat fijn dat de 4Pijlers al op al deze plaatsen wordt toegepast en is erkend op provinciaal niveau. Onze reis is echt gezegend. Het is heerlijk om weer thuis te zijn en in ons eigen bed te slapen. De volgende dag worden we begroet met een stralende zonsopkomst. Groot is uw trouw o Heer!

Actief op het veld

MatesocCcC====Covid is weer verleden tijd

Moseka en ik op het rijstveld, het hele gezin, Mateso en Roelof met de kleine Roelof

Mateso is een echte landbouwer. Als hij niet op stap is voor de 4 Pijlers, is hij meestal op zijn veld te vinden, samen met zijn vrouw, Moseka, en de kinderen. Hun jongste kindje heet Roelof, genoemd naar zijn peet-opa. En Roelof is heel trots op zijn peet-kleinkind. Het hele gezin bivakkeert overdag op het veld. Er staat een schuilhut waar de familie eten kookt, uitrust en schuilt voor de regen. Op die manier hebben ze alle tijd voor het veldwerk en houden ze de wilde dieren op afstand. De velden van Mateso en Moseka liggen er mooi bij. De rijst is pas ingezaaid op akkers waar niet is geploegd. Ook laten ze alle gewasresten op de akkers liggen en deze worden niet verbrand. En de mais van een verbeterd ras, is bijna rijp. Zo zien we pijler 1,3 en 4 in de praktijk. Mateso zegt dat hij door de 4Pijlers minder last heeft van droogte. De gewassen kunnen er beter tegen omdat de grond bedekt is.

We doen samen met de trainers van de groepen een rondje langs verschillende velden van andere boerengezinnen in Lanza. Zo komen we bij Walumi en een aantal voorgangers van de kerk. Ook zij leven van de landbouw. Walumi maakt een veld klaar om pinda’s te zaaien. Hij heeft niet geploegd, heeft de gewasresten in stroken gelegd en verbrandt niets. Voorganger Lalu heeft rijst gezaaid zonder te ploegen en ook de gewasresten laten liggen en niet verbrand. Voorganger Liandema heeft verbeterde cassavestekken geplant. We bemoedigen de boeren en geven adviezen waar ze verder mee kunnen. Ze zijn blij en trots dat we hun veld komen bekijken. Het geeft ze weer nieuwe inspiratie om met de 4Pijler methode door te gaan.

Boven: Walumi, re. Onder voorganger Liandema in de Cassave, re. voorganger Lalu in de rijst

Tot slot bezoek ik het veld van Samuel en zijn vrouw Neema. Ze toont me trots hoe hun rijst opkomt in niet-geploegde grond met daartussen stroken gewasresten. Als een van de eersten in Lanza hebben ze bovendien de groenbemester Mimosa gezaaid in stroken, daartussen gaat ze pinda’s zaaien. Met haar kinderen heeft ze verbeterde mais gezaaid in niet-geploegde grond. Hier zijn alle 4 pijlers in praktijk gebracht.

Neema op het familieveld: linksboven rijst, rechtsboven: mimosa. Onder: mais zaaien met de kinderen, rechts: de verbeterde mais komt op

We gaan met de brommer op stap om plaatsen te bezoeken waar het 4Pijlerwerk nog in de kinderschoenen staat. Het is aan de overkant van de rivier. Dat betekent een oversteek in een kano een avontuurlijke rit van 15 km over slechte weggetjes en uitdagende bruggetjes. In het eerste dorp laten we ’s avonds de Jezusfilm zien. De mensen zijn erg blij met onze komst en met de film. Voor sommigen is dit het moment om hun leven opnieuw aan God toe te wijden. De volgende dag is er aandacht voor het 4Pijlerwerk. We bezoeken de nieuwe groep in het buurdorp. We maken afspraken voor praktijktrainingen en verdere begeleiding. Nieuwsgierig worden we aangestaard door de kinderen van het dorp. Deze “Mondeles”(blanken) zijn een echte bezienswaardigheid.

Oversteek van de rivier, moeilijke bruggetjes. De kinderen in het dorp, Roelof en Samuel ontmoeten de leiders